Home | Actueel | Artikelen | Artikelen | EU-buitenlandbeleid: de waterkering staat op doorbreken!

EU-buitenlandbeleid: de waterkering staat op doorbreken!

Dinsdag, 30 November 1999 01:00

De bedoeling van dit artikel is erop te wijzen dat de meeste landen die deel (zullen) hebben aan de EU en haar (eventuele) Grondwet, verantwoordelijkheid dragen voor consequenties van daden die zij in het verleden in Volkenbondverband verricht hebben: onderschrijven van de uitvoering van het Mandaat ten aanzien van Palestina  en erkenning van de exclusieve politieke en nationale rechten der Joden op de stad en het land hunner vaderen.

Wanneer men de rechten der Joden verdedigt en eerbiedigt, houdt de "waterkering" het tegen het massale gewicht van Islam. De Arabische druk op Israël zal afnemen en de druk van Islam op onze samenleving zal niet kunnen toenemen. Er is m.i. dan ook sprake van een mechanisme. De vrijheid der Joden en onze vrijheid zijn communicerende vaten! Wanneer er rechten van hen worden weggenomen, zal de druk van Islam zowel op Israël als op ons toenemen; wanneer men ze verdedigt en eerbiedigt, zullen wij in vrijheid kunnen voortgaan.

Knieval?
Hoe kan men het eens zijn met de Moslims die het land van Israël als gebied beschouwen dat "eigenlijk" tot de Islamitische invloedssfeer behoort? Zullen Moslims zich met een Europese neutraliteitspolitiek jegens Israël, gebaseerd op aanvaarding van Islamitische "realiteit" in het Midden-Oosten, niet gesterkt voelen aanvaarding van een zelfde “realiteit” in Europa te eisen?

Gezien het Bijbelse commitment van de landengemeenschap in 1920 en 1922 jegens het Joodse volk, komt een dergelijke neutraliteit neer op trouweloos slaken van nog meer historische banden dan vanaf 1920 al het geval was. Knieval voor de "realiteit" van de Islam in het Midden-Oosten is breken met de realiteit van de Bijbel en beschadigen van de positie en belangen van het Westen c.q. Europa.

Het zal hopelijk nog blijken dat onze kracht komt van bevestiging van onze (Bijbelse) verantwoordelijkheid en van weigering een Europese politieke koers te varen die neerkomt op een knieval.

Niet Israël, maar de wereld wijkt van het recht
De preambule van The Mandate for Palestine bevatte o.a. de volgende woorden: “Whereas recognition has (…) been given to the historical connection of the Jewish people with Palestine and to the grounds for reconstituting their national home in that country;”, in juli 1922 te Londen bekrachtigd door de 52 regeringen van de landen van de Volkenbond gelegen in Afrika, Noord- en Zuid-Amerika, Europa en Azië: te weten Albanië, Argentinië, Australië, België, Bolivia, Brazilië, Bulgarije, Canada, Chili, China, Colombia, Costa Rica, Cuba, Tjecho-Slowakije, Denemarken, El Salvador, Estland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Guatamala, Haïti, Honduras, Hongarije. India, Italië, Japan, Koninkrijk Joegoslavië, Letland, Liberia, Litauen, Luxemburg, Nederland, Nieuw-Zeeland, Nicaragua, Noorwegen, Oostenrijk, Panama, Paraguay, Perzië, Peru, Polen, Portugal, Roemenië, Siam, Spanje, Unie van Zuid-Afrika, Uruguay, Venezuela, Verenigd Koninkrijk, Zweden en Zwitserland.

Hèt document inzake overdracht aan het Joodse volk van de volle soevereiniteit over het Land van Israël, vastgesteld in San Remo 1920, is het originele Volkenbond Mandaat Handvest. De inleiding van het Mandaat vermeldt als grondslag de internationale erkenning van de historische banden tussen het Joodse volk en het Land van Israël.

Engeland moest garanderen “the establishment of the Jewish national home in the Land of Israel”. Het is bindend recht, ook voor de VN. Het Land van Israël behelsde toen alles wat later zou worden de staat Israël, alsmede o.m. de Gazastrook en de Westoever. Terwijl het VN-delingsbesluit, blijkens dat delingsbesluit, en de Resoluties 242 en 338, conform het VN-handvest, slechts aanbevelingen zijn, blijft staan deze bindende resolutie van San Remo over o.m. Judea, Samaria en Gaza, in 1967 door Israël niet bezet maar teruggebracht aan Israël en het Joodse volk.

Sinds Engeland en de volkengemeenschap verzuimd hebben zich aan dit volkenrechtelijk bindende document te houden, is een aanbevelingencultuur ontstaan die een dodelijke schijnwerkelijkheid opriep. Moslims hebben daardoor hùn “recht” aan een steeds verder wanpresterende en daardoor kwetsbaardere wereldgemeenschap kunnen opdringen.

Groene Lijn en discutabele gebieden vormen echter overeenkomstig het internationale recht geen beletselen voor Israël en voor het Joodse volk zich volledig vrij overal in het Land van Israël te vestigen.

Met alle respect voor onze oud-premier Van Agt en andere eerbiedwaardige dames en heren van het diplomatieke ambt, maar “Israël trekt zich "geen snars" aan van het internationale recht”? "Lapt" resoluties van de VN-Assemblee en de VN-Veiligheidsraad "aan zijn laars"?

Betreffende VN-resoluties zijn aanbevelingen die bovendien niet aansluiten aan de oorspronkelijke opdracht waarmee Palestina door de internationale gemeenschap in 1922 plechtig aan het Joodse volk was gegarandeerd. Nogmaals, hèt document inzake overdracht aan het Joodse volk van de volle soevereiniteit over het *gehele* Land van Israël, vastgesteld in San Remo 1920, is het originele Volkenbond Mandaat Handvest. Dat, in tegenstelling tot de latere VN-resoluties, is bindend recht!

Met haar aanbevolen deling in 1947 week de internationale gemeenschap van dat bindende recht af en liet het Midden-Oosten in de door haarzelf gemaakte brokken achter. Niet Israël derhalve, maar de internationale gemeenschap (uitzonderingen daargelaten) trok zich geen snars aan van het internationale recht. Het is bewonderenswaardig hoezeer een aldus slecht behandeld Israël zich nog moeite getroost om resoluties na te leven van een internationale organisatie die San Remo aan haar laars lapte. Hoe Israël verwijten wat men zelf doet?!

De rechten van het Joodse volk De Balfour Declaration (1917) vermeldt geen nationale of politieke rechten van de niet-Joodse gemeenschappen in het toenmalige Palestina.

De Palestine Mandate (1922) vermeldde deze evenmin. Het ging daarin om waarborgen van de burgerlijke en religieuze rechten van alle inwoners (dus ook van zijn oorspronkelijke Joodse bewoners) van het land waarover de Turken sinds de Geallieerde verovering geen gezag meer hadden en dat door de Geallieerden en de Volkenbond voor vestiging van het Joods nationale tehuis was afgezonderd.

De nationale en politieke rechten op het land en de stad die Bijbels en historisch aan Israël toebehoren, waren rechtens (San Remo 1920) toebedeeld aan het gehele Joodse volk. Geen sprake van illegale Joodse immigratie! Al sinds 1878 is daar geen sprake van: de Britse premier, de Joodse Benjamin Disraeli, kwam op het Congres van Berlijn (1878) met de Turkse premier overeen dat Joodse kolonisten zich onbelemmerd konden vestigen en land kopen in het toenmalige Palestina.

Kennelijk prevaleerde voor de Turken het belang van de bescherming van hun rijk tegen Rusland boven dat van hun niet-Joodse onderdanen in Palestina. Onder het internationale publieke recht mochten derhalve alle Joden zich overal in het land van Israël vestigen. Dat recht geldt nog steeds, hoewel mandaatmogendheid Groot Britannië herhaaldelijk “San Remo” schond (met name de MacDonald White Paper), zoals ook de internationale gemeenschap sinds 1947.

Wat die White Paper van MacDonald betreft, ik heb hem in een kort televisie-interview dit stuk zien verdedigen. Engeland was in de greep van de crisis van 1939, had een oorlog te winnen en had alles nodig: o.m. grondgebied (incl. dat van Palestina) en vooral neutraliteit der Arabieren.

Gelukkig werd die oorlog gewonnen, geen ondankbaarheid daarover. Maar het Joodse volk, ten behoeve waarvan het Mandaatsysteem had moeten werken (ten goede!), kwam er onnoemelijk beschadigd uit tevoorschijn. Overwegingen kunnen vaak in het hoofd plaatsvinden, maar keuzen, goed of slecht, ook van regeringsvertegenwoordigers, vinden plaats in het hart, keuzen die te maken hebben met geloof/ongeloof en waarheid/leugen.

Uit het hart zijn de oorsprongen des levens. Keuzen ook die hun schaduwen ver vooruit werpen waardoor niet vooruit te zien is of en zo ja wie daarbij beschadigd zal worden. Crisisomstandigheden hebben de (vaak als ongewenst ervaren) capaciteit om dat naar boven te halen.

Mijn stelling is dat wetenschap mogelijk is op grond van geloof en dat waarheid (en geloof) niet door wetenschap alleen wordt ontdekt, laat staan voortgebracht. Recht dat geworteld is in (Bijbels) geloof en waarheid, moet vastgehouden worden. Dat houdt ons sterk en geeft a contrario geredeneerd goede kans dat anderen niet of minder beschadigd zullen worden.

Hoe zit het nu precies? De Balfour Declaration op zichzelf is niet de enige basis van de moderne staat Israël. Behalve dat de Zionistische beweging besloot tot oprichting van de staat die dan ook in 1948 na afloop van het Mandaat werd uitgeroepen, bestaat de basis daarvan onder internationaal publiek recht uit drie documenten: de San Remo Resolutie (door de Principal Allied Powers) van 25 april 1920, waarin de bewoording uit de Balfour Declaration is overgenomen, de Palestine Mandate, vastgesteld door de Volkenbond op 24 juli 1922, en de Franco-British Boundary Convention van 23 december 1920, aangevuld met de Anglo-American Convention van 3 december 1924 waarin de VS die geen deel uitmaakten van de Volkenbond, de Palestine Mandate respecteerden.

De San Remo resolutie ging als deel van de boedel van de Volkenbond over naar zijn opvolger, de VN, en is bindend internationaal recht. Alle rechten van het Joodse volk, afgeleid uit de Palestine Mandate, blijven volkenrechtelijk na afloop van het Mandaat overeind: voor het VS-initiatief tot stichting van een "Palestijnse" staat op gebied waarop rechtens uitsluitend Joodse nationale en politieke rechten rusten, een juridische bedreiging.

Volgens dezelfde volkenrechtelijke principes namelijk geldt dat sinds de Anglo-American Convention, hoewel verlopen, de rechten van het Joodse volk door de VS toch móeten worden gerespecteerd. Met de oprichting van een “Palestijnse” staat wordt Joods recht weggenomen en dat is oneindig ellendiger dan de eerbiediging ervan.

Bernard Lewis, de bekende historicus op het gebied van Islam, maakt onderscheid tussen "een conflict over land" en "een conflict over het recht van de staat Israël om in het Midden-Oosten te bestaan". Uit de openlijke denkwereld van Arabische en andere moslims kan men aflezen, dat, als er eenmaal getornd wordt aan de rechten der Joden met betrekking tot Israël, aan het tornen geen einde meer komt.

Zelfs als men met "het land verlaten en alles teruggeven" niet "heel Israël" bedoelt, zal de druk op Israël ondanks alles blijven toenemen, tot de Joden het land verlaten. Met dit tornen komt m.i. tevens geen einde meer aan het toenemen van het gewicht der moslimgemeenschappen in Europa en elders in de niet-Islamitische wereld dat zij op grond van hun Koran dan ook effectief denken te kunnen uitoefenen, tot kolossale, steeds moeilijker beheersbare proporties.

Wanneer men de rechten der Joden echter verdedigt en eerbiedigt, houdt de "waterkering" tegen dit massale gewicht het. De Arabische druk op Israël zal afnemen en de druk van Islam op onze samenleving zal niet kunnen toenemen. Er is m.i. dan ook sprake van een mechanisme. De vrijheid der Joden en onze vrijheid zijn communicerende vaten! Wanneer er rechten van hen worden weggenomen, zal de druk van Islam zowel op Israël als op ons toenemen; wanneer men ze verdedigt en eerbiedigt, zullen wij in vrijheid kunnen voortgaan.

Het niet eerbiedigen van in het kader van de San Remo resolutie 1920 gegeven rechten der Joden zal dus merkwaardig genoeg de druk van Islam en daarmee gelieerde tegenkrachten juist doen toenemen, op Israël, op de westerse wereld, op de algemene cultuur die o.m. gegroeid is uit de Judeo-Christelijke traditie, op de internationaal erkende waarheid van het Bijbelse, historische en legale recht op bestaan van het Joodse volk in het land en de stad van zijn vaderen.

Dit is in wezen zich slap betonen in het tegenstaan tegen het anti-democratische geweld der (Arabische) moslims die de "feitelijke omstandigheden" in het Midden-Oosten wensen te voegen naar hun "realiteit" (uitwissen van het bestaan van Israël). Het brengt de kracht van Israël, het westen en de democratisering in de Arabische wereld in het nauw. En het is wederrechtelijk: de "vrijheid" van het "Palestijnse volk" die de initiatiefnemers van de routekaart voor ogen staat, is wegnemen van gegeven recht der Joden.

Er bestaat geen juridische grond, ook niet in het internationale (humanitaire) recht, waardoor Israël verplicht is eenmaal aan het Joodse volk toegekende politieke en nationale rechten op te geven. Stichting van een "Palestijnse staat", gebaseerd op betreffende VN resoluties, is bovendien geen verplichting, omdat die resoluties slechts aanbevelingen zijn. Wanneer tegen deze druk de waterkering (San Remo) niet wordt gesloten, hoe zal de internationale rechtsorde i.c. geholpen zijn met nieuw verdragsrecht (inzake vaststelling van een Europese Grondwet)?

Breken met de Verklaring van Venetië (13 juni 1980)
Op grond van het bovenstaande is de Verklaring van Venetië waarin de Negen o.m. de Joodse nederzettingen als onwettig beschouwen onder het internationale recht, onhoudbaar. “According to international law, Israel has full right to try to populate the entire Land of Israel with dense Jewish settlement, and thus actualize the principles set by the League of Nations in the original Mandate Charter of San Remo in 1920”, schreef prof. Talia Einhorn. Prof. Einhorn en Howard Grief zijn twee namen van rechtsgeleerden die ik in dit verband noem. Ook dient teruggekomen te worden op regeringsverklaringen en uitspraken in parlementen van de lidstaten dienaangaande.

Waarom is de "San Remo" resolutie (1920) zo belangrijk? Deze sluit aan op artikel 22 van de "Covenant of the League of Nations" (Mandaat t.a.v. Palestina) en de Balfour Declaration en vormt samen met de Palestine Mandate (1922) en nog enkele Verdragen volgens rechtsgeleerden de legale basis voor het uitroepen van de zelfstandige Joodse staat.

De bedoeling van dit artikel is erop te wijzen dat de meeste landen die deel (zullen) hebben aan de EU en haar (eventuele) Grondwet, verantwoordelijkheid dragen voor consequenties van daden die zij in het verleden in Volkenbondverband verricht hebben: onderschrijven van de uitvoering van het Mandaat t.a.v. Palestina (dat inderdaad niet in Europa lag maar gebied was dat in WO I door de Geallieerde legers op het Turkse rijk was veroverd) en erkenning van de exclusief Joodse politieke en nationale rechten op de stad en het land hunner vaderen.

Hoe men ook over de uitvoering van het Mandaat denkt, het Mandaat zelf is door Europese landen geëntameerd en bekrachtigd! Het is m.i. weglopen voor verantwoordelijkheid voor consequenties van de uitvoering van het Mandaat, wanneer men om welke reden dan ook zich wil losmaken van de grondslagen van het Mandaatdenken. Nog erger is het Israël er voor te laten opdraaien!

Pro-Israël hoort bij Europa
Waar is de overtuiging gebleven waarop zij die in de negentiende en twintigste eeuw een profetische boodschap hadden, de seculiere wereld zo verstaanbaar en toegankelijk konden aanspreken? Die wereld had blijkbaar geen moeite met luisteren naar hen ("welk plan heeft God in petto?").

Het constitutionele, seculiere Europa kon uitstekend samengaan met sympathie voor b.v. de (seculiere) Zionistische beweging en ondubbelzinnig betrokken zijn bij de (seculiere) "overall political and legal settlement" voor het Midden-Oosten van Versailles (1919), Parijs (1919), San Remo (1920), London (1922). Dat gold niet algemeen (later toonde men voorkeur voor (Arabische) Moslims en hùn religieuze claims, o.a. op het land van Israël).

Ook maak ik onderscheid tussen seculier en geseculariseerd in die zin dat men met het laatstgenoemde eerder geneigd zal zijn vrijwel alle capaciteit om naar profeten te luisteren overboord te zetten. Hoe zou trouwens een geseculariseerde wereld de religieuze argumenten van Moslims inzake het conflict rond Israël aanvaardbaar kunnen achten en die van Joden en Christenen voor Israël dubieus!

De vraag is hoezeer de wereld zich uit eigenbelang al heeft blootgesteld aan ondermijning door toe te geven aan druk van het Middeleeuwse religieuze systeem (desecularisering). Het is tijd om weer te gaan luisteren, vastbesloten inzake hetgeen profetisch reeds is (en nog wordt) aangereikt en trouw in de uitvoering ervan. Ik wens ons een Europa dat zijn antenne blijft gebruiken. Daarmee heb ik geen fanatieke, religieuze of "gestoorde" opvattingen vermeld, maar daden, zoals bijvoorbeeld ook de afschaffing van de slavernij dankzij het (politieke) werk van Evangelicals in de negentiende eeuw in het voormalige Britse Rijk, waarmee de mensheid geholpen is.

Mijn opvattingen reflecteren eenvoudig de waarheid. Niemand is erbij gebaat die te verminken of in een kwaad licht te stellen. Ik benadruk wèl vastbeslotenheid en trouw in het handhaven van waarheid die met een hoge prijs gegeven is, deugden die in termen van duidelijkheid en ondubbelzinnigheid in een wereld die zoekt naar vrede en veiligheid in het schemerveld van tegengestelde krachten m.i. wel degelijk nog een duurzame vrucht zullen kunnen afwerpen.

De Europese Grondwet nu wijdt vele artikelen aan gemeenschappelijk buitenlands beleid van de Unie. Daarbij moet erop gelet worden dat verschillende Europese landen hun gezamenlijke buitenlandbeleid t.a.v. het Joodse volk en Israël al baseerden op internationaal recht (San Remo 1920) en dat dat recht deel is van de internationale rechtsorde. Immers, vele Europese landen bekrachtigden in 1922 de erkenning van de historische band van het Joodse volk met Palestina en van de "grounds for reconstituting their national home in that country": Albanië, België, Denemarken, Estland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Hongarije, Italië, Joegoslavië, Letland, Litauen, Luxemburg, Nederland, Noorwegen, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Spanje, Tsjecho-Slowakije, Verenigd Koninkrijk, Zweden en Zwitserland. (Duitsland was aanvankelijk geen lid van de Volkenbond en speelt na WO II jegens Israël een eigen rol.

Ook Amerika heeft via een verdrag in 1924 adhesie betuigd.) De regeringen van die landen die bijna alle deel (zullen) hebben aan de Europese Unie en (evt.) haar Grondwet, stemden gezamenlijk in met exclusief Joodse, politieke en nationale rechten op Palestina die dit Mandaat regelde. Met dit geldige recht spoort het huidige EU-buitenlandbeleid (de Routekaart) niet.

Contrair de VN-aanbevelingencultuur mogen die rechten namelijk wel dègelijk worden uitgeoefend! In plaats van “no performance, no roadmap” spreekt de internationale rechtsorde i.c. de duidelijkste taal, ook voor Moslims.

De derde considerans van de Preambule van deze Grondwet spreekt van vastbeslotenheid van de volkeren van Europa om vorm te geven aan hun gemeenschappelijke lotsbestemming. Het kan niet ontkend worden dat het verleden daaraan mede vormgeeft, zoals ik heb aangetoond.

Er zijn redenen te over om in te zien dat de verantwoordelijkheid van Europese landen inzake de doelstelling van het Mandaat niet kon liggen op het bordje van de Arabische wereld, laat staan op dat van de Islamitische wereld: het al direct in 1920 illegaal uitroepen van "Groot-Syrië" (door Frankrijk geaborteerd), de Arabisch-Palestijnse afscheidings- en onafhankelijkheidsbewegingen (sinds 1920), het Wahabisme (sinds 1925) en de Islamitische terreurorganisaties (sinds 1928).

Nogmaals, de Moslims hebben duidelijkheid nodig van de realiteit van het onverkort en exclusief van kracht blijven van de geldende nationale en politieke rechten der Joden op het land en de stad hunner vaderen. Dat is de waterkering. Daarachter behoort het gewicht te staan van Europa (w.o. de EU en haar evt. Grondwet) dat in dat opzicht met zijn bekrachtiging van het Palestina Mandaat aan zijn "gemeenschappelijke lotsbestemming" al vorm had gegeven. Elke andere keuze leverde zoveel ellende op en zal de Islamitische vloed rond het Westen en Israël alleen maar hoger doen stijgen.

Zal de waterkering het houden?
Terwijl de Unie bezig is met de Europese Grondwet, vervuld van de "grootsheid” van haar Europese onderneming, vliegen ons binnenkort de brokstukken van de Routekaart (EU-buitenlandbeleid!) om de oren. Wanneer het Midden-Oosten waarvoor na de Eerste Wereldoorlog met name Europa sinds 1920 en 1922 de grondslag gelegd heeft en verantwoordelijkheid draagt voor het bestaan van het onafhankelijke, soevereine Israël, explodeert - sommigen denken volgend jaar, anderen denken al dit jaar - wat zal EU-woordvoerder Solana dan zeggen, wat zullen de leiders van de Europese landen dan doen?

Zal men laf weglopen voor de verantwoordelijkheid voor Israël?! Onze Premier heeft aan de vooravond van de herdenking van de bevrijding van Kamp Westerbork de samenwerking van de Nederlandse autoriteiten met de nazi's scherp veroordeeld. Ze werkten mee aan "het afgrijselijke proces waarin de Joden hun rechten werden ontnomen", zei hij. Zal Nederland, zal Europa samenwerken met ditmaal moorddadige Islamitische terreurorganisaties en hun sympathisanten om de Joden hun rechten wèèr af te nemen?

Schei toch uit met alleen maar ja of nee inzake een Grondwet die alleen maar Europa ziet. Blijf bij het feit van de eenmaal internationaal volledig erkende exclusieve rechten der Joden/Israëli's, mensen zoals wij die in de meer dan vijftig jaar van het bestaan van Israël nog niet èèn jaar in vrede mochten leven! Wat stelt de EU of haar “grootse” onderneming voor, wanneer men zo met de Joden omspringt?!

Daarom, zal de “waterkering” het houden? In artikel I-8 van dezelfde Grondwet worden ook de symbolen van de Unie vastgesteld, waaronder de hymne "Ode aan de Vreugde" (An die Freude) van Friedrich Schiller (1759-1805), op toon gezet door Ludwig van Beethoven in het slotkoor van zijn negende symfonie. Prachtig mooie melodie, maar neem nu de tekst "Alle Menschen werden Brüder".

Is dit een aftands, Romantiek ideaal uit de achttiende eeuw of zal de burger met de verheven woorden van dit symbool inderdaad gewonnen worden als "Europeaan"? Als duidelijk is dat veel inwoners van Europese lidstaten (nog) weinig binding hebben met de Europese Unie, geef ik de Eurovisietune meer kans dan de hymne. Alle mensen worden broeders in Europa? In mijn woonplaats is een monument met een metalen rasterwerk dat een bakstenen muur voorstelt. In dat rasterwerk is een gat, voorstellende de gehele Joodse gemeenschap die in 1942 was weggevoerd naar Auschwitz (zeer weinigen hebben het overleefd). Waar zijn die "broeders"?

Dezelfde Europese elite die de Ode voorschrijft als EU-hymne, beschouwt voorts de aanhangers van Arabische/Islamitische terreurbewegingen als mensen die (slechts) "disfunctioneren" (door Israëlische burgers te vermoorden?!) en geredresseerd kunnen worden met een "Palestijnse staat" (en niet bestraft). Met zoveel trouweloosheid, euvele onverschilligheid, zelfoverschatting, hypocrisie en lafheid jegens Israël wordt het nooit wat met die hymne. Overigens, mijn stem tegen de Grondwet is geen stem tegen een verenigd Europa.

EU-buitenlandpolitiek historisch en juridisch in lijn brengen, anders…
Als er thans via èèn Grondwet gewerkt moet worden aan de eenheid van Europa, dan dient men zich m.i. ook aan de door Europa ingezette historische lijn te houden en dienovereenkomstig EU-buitenlandpolitiek te bedrijven. Dat gebeurt nu niet ten aanzien van Israël. Het zij nog eens herhaald: de volle soevereiniteit over het Land van Israël dat deel uitmaakte van het door de Geallieerden op het Turkse rijk veroverde gebied, is aan het Joodse volk overgedragen: San Remo 1920 en Londen 1922 (door de 52 regeringen van de landen van de Volkenbond, waarvan 25 in Europa).

De aan die regelingen inherente, exclusief Joodse nationale en politieke rechten zijn feitelijk door vrijwel geheel Europa erkend! Sinds mandaatmogendheden Engeland en Frankrijk en later de volkengemeenschap van dit bindende recht afweken, is een aanbevelingencultuur ontstaan met de ellende van een dodelijke schijnwerkelijkheid. Het is deze onverantwoorde (want op niets “hogers” gebaseerde) omzetting van schijn in "recht" van mensen aan wie nimmer politieke rechten op een land en een stad beloofd waren of ooit in het bezit daarvan waren geweest, die maakt dat de wereld de rijen tegen het “Palestijnse” anti-Israël (moslim)terrorisme maar niet kan sluiten. Het is volkomen absurd “bijdragen voor de vrede” van Israël te eisen waartoe dat tot op het bot getergde land op geen enkele wijze verplicht is.

Er is geen rechtsvacuüm geweest. Nóg meer Europese trouweloosheid etc., en de “waterkering” tegen monsterlijk anti-Israël en anti-Westers Islamgeweld is onhoudbaar.

4 Reactie(s) RSS

 
  #4
door Anneke Elen-v.d.Zalm donderdag, 21 juli 2011 22:13
Heel mooi en realistisch geschreven.
We zijn nu inmiddels twaalf jaar verder en inderdaad Europa loopt over..De waterkering is doorgebroken,al thans op veel plaatsen.

Leven nu in een tijd dat de volken aan het ontwaken zijn en een zware kater hebben over-gehouden a.g.v. hun leefgewoonten,i n de afgelopen decennia/- eeuwen. Bijzondere ontwikkelingen zijn er gaande en wat zo triest is

Velen zien dit nog niet helder genoeg in. Meningeen kijkt met'dik gezwollen' ogen de wereld in. Ook hier in Nederland zijn er veel te veel WEG-KIJKERS. Men wil,of kan de ernst van de situatie maar niet inzien. Zèlfs mensen die met de Bijbel,het Woord van onze Yhwh,zijn grootgebracht zijn verblind,versuf t,verdoofd. In menig familie zijn het geloof en religie een hot-item geworden.
Máár blijf moed houden,hoop doet leven!
Beantwoord reactie
 
 
  #3
door L. van Eeghen vrijdag, 7 april 2006 17:21
Hartelijk dank voor uw reactie.

Eerst over VN-"recht".

Het recht is weliswaar meer dan wetgeving in formele zin alleen, maar in het verband met het internationale recht betreffende overdracht van soevereiniteit (i.c. aan het Joodse volk) over land (i.c. het toenmalige Palestina) dient het recht uiteraard echte rechtsfeiten te bevatten, met echte rechtsgevolgen.

Noch de VN, noch haar resoluties, noch de bevolkingsgroep zelf die zelfbeschikking srecht claimt, kunnen i.c. rechtfeiten genereren, met echte rechtsgevolgen. Dat kunnen alleen bevoegde landsregeringen .

Welnu, algemene internationale rechtsregels en internationaal toezicht op de nakoming ervan stelde vóà³r 1919 nog weinig voor. Daarin kwam verandering, zij het op beperkte schaal en in bijzondere omstandigheden, door het mandatenstelsel van de Volkenbond (Versailles, 1919). In San Remo (1920) werden de voorheen Turkse gebieden in het Midden-Oosten aan enige van de geallieerde overwinnaars toegewezen en werd voor wat Palestina betreft de Balfour Verklaring overgenomen, bevestigd in het Palestina Mandaat (Londen, 1922) door de 52 regeringen van de landen van de Volkenbond.

Op beperkte schaal (dus niet werelddekkend) en in bijzondere omstandigheden is internationaal publiekrecht mogelijk. Ten eerste omdat legitimering ervan afhankelijk blijft van concrete, bevoegde landsregeringen en dus dus niet van een internationale wereldorganisat ie, hetgeen tot wereldtirannie kan leiden. Ten tweede omdat volkenrechtelij k instemming van ingezetenen (zoals van het voormalige Palestina: o.a. de Arabieren) geen vereiste is voor een rechtmatige gebiedsovergang . Ten derde omdat zelfbeschikking srecht sui generis, als titel van rechtmatige gebiedsovergang voor opwonenden, niet bestaat als algemene regel van volkenrecht. Ten vierde vanwege de bijzondere omstandigheid dat massale terugkeer van het Joodse volk naar het land van Israël internationaal erkend en mogelijk gemaakt was. Individuen noch groepen van de niet-Joodse gemeenschappen van het voormalige Palestina worden op deze wijze beschermd tegen door hen niet gewenste veranderingen van nationaliteit en staatsgezag. Dit is gewoon volkenrecht.

Concluderend: wanneer onder verdragen de soevereiniteit over een land al is overgedragen aan een volk (wat het Joodse volk betreft: Verdrag van Versailles, San Remo resolutie, Palestina Mandaat e.a.), kan deze over hetzelfde land niet opnieuw aan nog een ander volk worden overgedragen. Volgens het volkenrechtelij ke principe van verkregen recht blijven de exclusief Joodse nationale en politieke rechten op het land van Israël na beeïndiging van het Palestina Mandaat bestaan en zijn onvervreemdbaar . Dit principe is gecodificeerd in art. 70(1)(b) van de Vienna Convention on the Law of Treaties: â€ņœUnless the treaty otherwise provides or the parties otherwise agree, the termination of a treaty under its provisions or in accordance with the present Convention... does not affect any right, obligation or legal situation of the parties created through the execution of the treaty prior to its terminationâ €. Na de oprichting van de VN in 1945 blijft de San Remo Resolutie (1920) geldig volgens art. 80 VN-Handvest: "nothing ... shall be construed in or of itself to alter in any manner the rights whatsoever of any peoples or the terms of existing international instruments to which Members of the United Nations may respectively be parties."!

Zie ook: http://www.israelwhitepaper.org

Internationaal recht is uiteraard niet als een eeuwigdurende inzetting. Maar het is wel een uiterst belangrijke tool bij de verdediging van de juridische legitimering van toekomstig optreden van Israël èn van de vrijheid van elke Jood ter wereld zich te vestigen overal in het land van Israël. Het verlies van die vrijheid brengt ook ònze vrijheid in gevaar!

Dat is het actie-reactie probleem dat ik zie. Immers, de Balfour Verklaring (1917) sloot Palestijns zelfbeschikking srecht uit. Deze Verklaring hadden destijds de leiders van islamitische volken als Arabieren (Feisal-Weizmann 1919, art. III) en Ottomanen (Verdrag van Sèvres 1920) uitdrukkelijk aanvaard.
Beantwoord reactie
 
 
  #2
door L. van Eeghen vrijdag, 7 april 2006 17:16
â€ņœAllereerst het feit dat Dhr. van Eeghen de resoluties van de VN als "adviserend" betiteld, en niet als wetgevend, wat ze mijnerzijds zijn†.
Antwoord van dhr. Van Eeghen: Uit de tekst van de VN-delingsresoluti e zelf blijkt dat de resolutie een aanbeveling is. Verder zijn alle resoluties met betrekking tot Israël, zowel van de Assemblee als van de Veiligheidsraad , aanbevelingen, dan wel juridisch niet afdwingbaar.

â€ņœHet roept een scala van problemen op als resoluties niet per sé nageleefd hoeven worden.”
Antwoord van dhr. Van Eeghen: Het is de keuze van de VN-organen zelf of resoluties al dan niet aanbevelingen zijn. De gevolgen van die keuze zullen dus in de overwegingen verdisconteerd dienen te zijn. Bedenk wel dat de erkenning van het Joodse zelfbeschikking srecht in Mandaatgebied Palestina een besluit is geweest van voorganger Volkenbond van 1922. Van dit besluit is de VN na 1947 afgeweken met haar erkenning van ook nog een Arabisch (Palestijns) zelfbeschikking srecht in hetzelfde gebied.

Immers, wanneer onder verdragen de soevereiniteit over een land al is overgedragen aan een volk (wat het Joodse volk betreft: Verdrag van Versailles, San Remo resolutie, Palestina Mandaat e.a.), kan deze over hetzelfde land niet opnieuw aan nog een ander volk worden overgedragen. Volgens het volkenrechtelij ke principe van verkregen recht blijven de exclusief Joodse nationale en politieke rechten op het land van Israël na beeïndiging van het Palestina Mandaat bestaan en zijn onvervreemdbaar . Dit principe is gecodificeerd in art. 70(1)(b) van de Vienna Convention on the Law of Treaties: â€ņœUnless the treaty otherwise provides or the parties otherwise agree, the termination of a treaty under its provisions or in accordance with the present Convention... does not affect any right, obligation or legal situation of the parties created through the execution of the treaty prior to its terminationâ € . Na de oprichting van de VN in 1945 blijft de San Remo Resolutie (1920) geldig volgens art. 80 VN-Handvest: "nothing ... shall be construed in or of itself to alter in any manner the rights whatsoever of any peoples or the terms of existing international instruments to which Members of the United Nations may respectively be parties."! VN-resoluties mogen derhalve niet van het geldende recht van de San Remo resolutie afwijken.

Het recht is weliswaar meer dan wetgeving in formele zin alleen, maar in het verband met het internationale recht betreffende overdracht van soevereiniteit (i.c. aan het Joodse volk) over land (i.c. het toenmalige Palestina) dient het recht uiteraard wel echte rechtsfeiten te bevatten, met echte rechtsgevolgen. Noch de VN, noch haar resoluties, noch de bevolkingsgroep zelf die zelfbeschikking srecht claimt, kunnen i.c. rechtfeiten genereren, met echte rechtsgevolgen. Dat kunnen alleen bevoegde landsregeringen .

Zie ook: http://www.israelwhitepaper.org

â€ņœWat ik veel ingrijpender vind, is het feit dat voor Dhr. van Eeghen de oplossing van het "Midden Oosten-conflict" de herinstelling van de wet van 1920 zou zijn.”
Antwoord van dhr. Van Eeghen: Het probleemveld wordt door het Volkenbond Mandaat Handvest van San Remo wel overzichtelijke r, vind ik. Het is slechts een luttel aantal woorden: "Israël is geen bezetter, volgens geldend internationaal (pre-VN)recht". Maar bergen Israëlisch "onrecht" zakken ineen, zeeën van Zionistische "onderdrukking" drogen op...!

Het is volkenrechtelij k zelfs de vraag of aan de Israël-PLO akkoorden, memoranda e.d. in het kader van het vredesproces in het Midden-Oosten een geoorloofd motief ten grondslag lag. M.i. was en is dat niet het geval. Het ongeoorloofde bestaat namelijk hierin, dat met de akkoorden inbreuk is en wordt gemaakt op geldend internationaal recht. Niet slechts een zedelijke diskwalificatie , maar het rècht zelf (de bestaande, toepasselijke internationale overeenkomsten van Versailles 1919, San Remo 1920, Londen 1922) knoopt nietigheid aan de akkoorden vast die eenmaal erkende, uitsluitend Joodse nationale en politieke rechten op het land van Israël zouden wegnemen dan wel inperken. Er ontstaat door wegvallen van de akkoorden geen rechtsvacuÃà ‚¼m, want Israël is volgens het geldende internationale recht van San Remo 1920 soeverein in de gebieden. Het land kan nu effectief optreden tegen (Islamitisch) terrorisme, zoals de rest van de landen van de coalitie in de oorlog tegen terrorisme. En het kan orde op zaken gaan stellen qua nationaliteit en staatsgezag in de gebieden. De wereldgemeensch ap zal hiertegen veel lawaai maken, maar om bovenvermelde redenen m.i. niets kunnen uitrichten.

Internationaal recht is een uiterst belangrijke tool bij de verdediging van de juridische legitimering van toekomstig optreden van Israël. Alleen het Joodse volk heeft onder internationaal recht erkende nationale en politieke rechten op de gebieden van het land van Israël. Elke Jood ter wereld heeft het volste recht zich te allen tijde overal in dat land te vestigen. De status van die rechten is gewaarborgd in de San Remo Peace Settlement (1920), ononderbroken door relevante VN-resoluties (welke aanbevelingen zijn dan wel in rechte niet-afdwingbaar) en de Oslo-Agreements (welke ontbindbaar zijn; de overeengekomen periode tot de definitieve onderhandelinge n was al verstreken; zie NB2), onbedreigd door de International Criminal Court onder de Rome Statute (2002) (er is geen "contracting party" die "Palestina" heet).
Het verlies van die vrijheid brengt de "waterkering" in gevaar. Dàt is het actie-reactie probleem dat ik signaleer. En verdediging is de reflex van een wereld die haar rechtsstelsel serieus neemt tegen hen die het zouden willen vervangen door hun eigen tegen-stelsel.


----------------------------
Reactie van de redactie

Om discussie op onze website tegen te gaan, wordt er maximaal 1 reactie op een reactie gepubliceerd. Deze reactie op dhr. Van Ommen is de tweede in de lijn en dus daarmee de laatste. Verdere reacties hierop zullen niet meer worden geplaatst.
Beantwoord reactie
 
 
  #1
door Henk van Ommen woensdag, 15 maart 2006 12:07
Allereerst mijn complimenten voor het artikel van Dhr. van Eeghen. Een aantal zaken waren zeker een Eye-opener, zoals het initiele recht van de Joden om de staat Israel op te richten, stammende uit 1920. Ik was mij hier niet van bewust. Ik wil toch enige kantekeningen plaatsen bij het artikel.

Allereerst het feit dat Dhr. van Eeghen de resoluties van de VN als "adviserend" betiteld, en niet als wetgevend, wat ze mijnerzijds zijn. Dit is slechts muggenzifterij van mij, dat besef ik ook, alhoewel deze vraag natuurlijk een scala van problemen oproept als resoluties niet per sé nageleefd hoeven worden. Het Joegoslavie-tribunaal zou daar niet gelukkig mee zijn. Het voor het gerecht brengen van Servische oorlogsmisdadig ers zou dan stoelen op ordinaire kidnapping en vrijheidsberovi ng.

Wat ik veel ingrijpender vind, is het feit dat voor Dhr. van Eeghen de oplossing van het "Midden Oosten-conflict" de herinstelling van de wet van 1920 zou zijn. Zoals ik dit lees, zou dit inhouden, dat de VN de Palestijnse staat illegaal zou verklaren en vervolgens, al of niet met een VN-vredesmacht de Westoever, de Gaza strook etc. wederom terug aan de staat Israel zou moeten geven. Mijns Inziens kan dit niet anders gebeuren dan MET militaire hulp. De "waterkering van Van Eeghen" zou dan in alle volle hevigheid bezwijken vanwege personele en financiele steun van vele islamitisch-georienteerde staten. Ik zou mijn zoon niet graag het teruggegeven Israelische grondgebied zien verdedigen. Denk aan Vietnam??

Ik zal één ding duidelijk moeten maken. Ik ben een Hollandse Christen, maar ben woonachtig in de Verenigde Arabische Emiraten, een staat die Islamitisch Fanatisme op harde wijze bestrijd. Ik werk samen met moslims en ondervind geen enkele vorm van discriminatie. De "gewone" moslim wil gewoon een huis, een baan en een prettig leven, waarbij hij, ja, een actiever geloofsleven heeft dan menig christen, mijzelf inclusief.
Ik ben VOOR een Joodse staat, maar ben even geschokt als Israel een flatgebouw met burgers met de grond gelijk maakt om één Hamas-leider uit te schakelen, als dat ik ben als een moslim-gek zich opblaast in een discotheek.

Fanatisme is NOOIT goed te keuren. Mensen, geleerder dan ik, hebben het volgende regelmatig geopperd; Terrorisme wordt gevoed door honger en armoede. De Palestijn die zich opblaast heeft niets meer om voor te leven, behalve het fanatisme, gevoed door megalomanische imams. Hoeveel mensen in Nederland kunnen zich veroorloven om één maand niet betaald te worden? Hoeveel mensen in Nederland kunnen het zich niet veroorloven één week geen boodschappen te doen? En hoeveel mensen zouden hun leven weer kunnen oppakken als hun onverzekerde huis met huisraad met de grond gelijk wordt gemaakt?

Actie roept reactie op, die wederom actie oproept, een spiraal waar niemand wint. Het opbouwen van een infrastructuur en het helpen met de opbouw, gebonden aan strenge regels (zoals het staken na aanslagen) kan m.i. een oplossing bieden. Of dat werkt?, ik weet het werkelijk niet, maar het terugdraaien van een wet uit 1920 is een onrealistische utopie, net zoals het sluiten van alle belastingbetale nde koffieshops zou zijn, hoewel zeer strijdig met de wet. Met het hart zouden beslissingen moeten worden genomen, niet met geweer en wetboek in de hand.

Ik sluit af, met een quote van een goede kennis van mij, een Iranees: "Onze president heeft een steekje los met betrekking tot de staat Israel, de enige landen die ons ooit hebben binnen gevallen zijn de Arabische landen geweest". Zolang er mensen zijn binnen alle geloven, die gewoon willen wonen, leven en werken is er misschien nog hoop.
Beantwoord reactie
 

Plaats reactie

U bent van harte welkom om te reageren. Let s.v.p. even op de [+] volgende zaken .

  • Uw E-mail adres is verplicht maar wordt nooit getoond op de website.
  • Het kan even duren voordat uw reactie op de website zichtbaar wordt.
  • Indien u wilt reageren op een andere reactie dan kunt u de Beantwoord reactie knop gebruiken.
    De tekst van de reactie waarop u reageert verschijnt dan omgeven door [quote] [/quote] tags in het reactie veld. U kunt de tekst tussen de [quote] [/quote] ook bewerken als u enkel een zin wilt uitlichten.
  • Indien u bericht wilt ontvangen bij opvolgende reacties vink dan onderstaande 'Nieuwe reacties per e-mail ontvangen' aan.


Doneer nu eenvoudig, veilig en snel online.

Meer Artikelen »

Retoriek drijft Iran-crisis verder op de spits 07 Feb

De crisis rond het Iraanse nucleaire programma werd…

Israël gaat een spannend jaar tegemoet 06 Feb

Israël en andere landen in het Midden-Oosten gaan…

EU kiest partij in M.O.-conflict 30 Jan

UPDATE: Naar aanleiding van de publicatie van het

'Ik blijf dus Jood' 26 Jan

Dit artikel is deel 1 uit een nieuwe

De lijdende knecht des Heeren 20 Jan

Vanuit onze gunstige positie in Jeruzalem lijkt het…

Een Algerijnse pastor in Israël 20 Jan

Als antwoord op de moderne wedergeboorte van de…

Sjabbat, een ‘proefje’ van het Paradijs 17 Jan

Om het ‘hoe’ te waarderen, moeten we nooit…

Israël zoekt mogelijkheden om banden aan te halen met Afrika 07 Jan

Afrikaanse landen grenzend aan de Sahara met hun…

Brief van een Israëlische reservist 07 Jan

De nu volgende brief werd door onze zoon

Bedrog als strategie 02 Jan

Achttien jaar zijn gepasseerd sinds de ondertekening van…