Ik kom veel christenen tegen die het herstel van het Joodse volk in hun thuisland van harte bijvallen en die tegelijk de eindtijdtheorie aanhangen bekend onder de naam ‘opname van de gemeente vóór de grote verdrukking’. Deze leer gaat ervan uit dat Jezus eerst zal terugkeren als een “dief in de nacht” om de gemeente weg te rukken van de aarde, voorafgaand aan een hels terreur regiem onder een valse messias tijdens de laatste dagen. Daarna zal Jezus weer terugkomen met Zijn gemeente om elke satanische heerschappij op deze planeet te vernietigen en om het langverwachte messiaanse tijdperk in te luiden.
Maar hebben christenen die dit gezichtspunt aanhangen, overwogen - zoals ik uiteindelijk deed - dat dit onderwijs lijnrecht in gaat tegen het hart en de ziel van het christenzionisme?
Wie zou dat willen meemaken?
Als een jonge christen in de zeventiger jaren van de vorige eeuw, geloofde ook ik het onderwijs dat Jezus plotseling zou komen om Zijn kerk weg te halen vóór de regering van de antichrist. De profeet Daniël noemde dit “een tijd van grote benauwdheid, zoals er niet geweest is sinds er volken bestaan” (Daniël 12:1). Jeremia noemde het “een tijd van benauwdheid voor Jakob” (Jeremia 30:5-7). En Jezus zei: “Indien die dagen niet ingekort werden, zou geen vlees behouden worden” (Mattheus 24:22).
Nou, wie zou op aarde willen zijn om dit mee te maken als je verteld werd dat je het kon ontlopen? Toen de meest gerespecteerde christelijke leraars van het land zeiden dat ‘we met Jezus weg zouden vliegen’, wilde ik erbij zijn! Dit was echter voordat ik me bewust werd van de Joodse wortels van mijn geloof. In dit bewustwordingsproces kwam ik er achter dat God de Joden niet verworpen had, zoals we geleerd hadden met de ‘vervangingsleer’ (de kerk heeft de plaats van Israël ingenomen).
Inderdaad is God nu bezig met de Joden in hun nationale thuisland opnieuw te vestigen, zoals al de profeten voorzegden. Het duurde niet lang voordat mijn vrouw en ik fervente christenzionisten werden, die voor Israël en het Joodse volk gingen bidden, pro-Israëlbijeenkomsten bezochten, brieven schreven naar kranten die de waarheid over Israël geweld aandeden, het Joodse volk bemoedigden, andere christenen onderwezen over Gods herstelplan voor de Joden en bijdroegen aan elke bediening die Israël steunde.
Spanning
Midden in dit zionistische bewustwordingsproces ontdekte ik in mijn geest een groeiende spanning als het over de ‘opname’ ging. Het duurde niet zo heel erg lang tot ik doorhad waar de schoen wrong. Tijdens bijna elke pro-Israëlbijeenkomst was er wel een tijd van publiekelijk schuld belijden dat we onze rug - en vaak onze wapens - naar de Joden gekeerd hadden. We proclameerden luid: ‘Wij zullen jullie nooit weer in de steek laten’, zowel door niet te zwijgen in tijden van vervolging, zoals zo velen deden tijdens de Holocaust, als door ons niet van de Joden te distantiëren in het aanvaarden van de vervangingsleer.
Maar waren we door de leer van de ‘opname’ eigenlijk niet bezig te plannen hen wèl in de steek te laten in een tijd waarin Israël en de Joden ons het hardst nodig zullen hebben? Erger nog, we jubelen triomfantelijk over ons ‘verlossend vertrek’ zonder een woord van verontschuldiging aan onze Joodse vrienden. Wat moeten de Joden wel niet denken? Zonder twijfel zijn ze dankbaar voor onze tegenwoordige steun, maar ik ben er zeker van dat ze niet hun adem zullen inhouden, wachtend op ons als het noodlot toeslaat.
Wat is er toch verkeerd bij ons? Hebben we niets geleerd van de keren dat we onze broeders verraden hebben in het verleden? Zijn we alleen maar enthousiaste toejuichers van Israël zolang de lucht helder is, maar als donkere wolken zich samen pakken, gaan we dan uitkijken naar de ‘opname bus’ die ons zo gauw mogelijk hier vandaan meeneemt? En als onze liefde zo voorwaardelijk is, wat zegt dat dan over onze boodschap van Gods eeuwige liefde voor Israël?
Jarenlang hebben we Jesaja 40:1,2 aangehaald: “Troost, troost mijn volk, zegt uw God. Spreekt tot het hart van Jeruzalem, roept het toe, dat zijn lijdenstijd volbracht is, dat zijn ongerechtigheid geboet is, dat het uit de hand des HEREN dubbel ontvangen heeft voor al zijn zonden.” Geloven we dat of niet?
Als we dit geloven, dan moeten we ophouden met de Joden te vertellen dat zij de ultieme Holocaust alleen tegemoet gaan. Liever zouden we hen telkens weer opnieuw moeten vertellen dat God met Zijn uitverkoren volk zal zijn, zowel Joden als christenen, dat Hij ons beide beschermt en voor ons voorziet gedurende de komende verdrukking. En dat Hij ons er uiteindelijk uit verlossen zal en onze vijanden zal vernietigen in de Dag van Zijn wraak, zo zeker als Hij het leger van farao verdronk. Dit is het wat Jezus en alle profeten en apostelen hebben voorzegd. Lees Daniël 12:1; Jeremia 30:1-11; Jesaja 52:7-12; Joël 3:14-17; 1 Petrus 1:5; Mattheus 24:22, 29-31; Openbaring 12:14.
Maar nog, hoe kunnen christenen die openlijk zeggen onopgeefbaar liefde voor Israël te hebben er zo klaar voor zijn Israël ‘in een oogwenk’ achter te laten via een ‘opname vóór de grote verdrukking’?
Misvatting
Ik denk dat het probleem zit in een diep vastzittende christelijke misvatting dat God twee onderscheiden schaapskudden heeft, namelijk de Kerk en Israël. Deze veronderstelling van twee gescheiden uitverkoren volken, ook bekend als ‘geestelijk Israël en fysiek Israël’, kan terugherleid worden tot het onderwijs van John Nelson Darby, de man die het meest verantwoordelijk is voor het ontwikkelen van de leer van de opname. Darby ontwikkelde zijn theologie zo omstreeks 1830, maar het verspreidde zich pas aan het begin van de twintigste eeuw toen de Scofield Reference Bible het in zijn commentaar opnam.
Darby, bekend als de ‘vader van het dispensionalisme’, geloofde dat God met de mensheid op verschillende manieren gehandeld heeft, afhankelijk van verschillende tijdsperioden of bedelingen. Christenen behoren tot de laatste bedeling, een tijdsperiode van genade, en zij worden beschouwd als Gods ‘hemelse volk’. Maar de nakomelingen van Abraham - ten minste zij die vóór Jezus leefden, plus degenen die Hem niet als Messias aanvaarden - behoren tot de bedeling van de wet, en behoren tot Gods ‘aardse volk’.
Hoewel Darby leerde dat de Kerk en Israël altijd gescheiden zouden blijven, geloofde hij dat beide groepen parallelle rollen in Gods verlossingsplan vervullen, en dienovereenkomstig ook parallelle erfenissen zullen ontvangen. Dat betekent dat hij niet leerde dat de Joden alle rechten ontnomen waren door de Kerk, zoals in de vervangingstheologie. Hij zag ook de Kerk niet als een voortzetting van, of een ‘op hoger plan brengen’ van Israël.
Met betrekking tot de laatste dagen zag Darby in de Schrift dat Israël inderdaad teruggebracht zou worden naar zijn land (dus hierin was hij een christenzionist). En dat de antichrist het dagelijkse offer zou stopzetten en de tempel zou ontheiligen door daar “een gruwel die verwoesting brengt”, op te richten in het heilige der heiligen (Daniël 12:11). Maar omdat toen Israël nog niet als staat in aanzijn geroepen was en er helemaal geen tempel met offers bestond, concludeerde hij dat nadat de Joden hun staat uitgeroepen zouden hebben, God wel de bedeling van de Mozaïsche wet moest laten terugkeren.
Dat schiep echter een probleem, want de wereld leefde nu in de bedeling van de genade. Darby’s oplossing was toen, dat hij leerde dat God de christenen zou wegnemen voordat Hij de bedeling van de wet weer zou laten intreden vlak voor de grote verdrukking. Vandaar de opname van de gemeente. Als eenmaal het kwaad in deze wereld door God vernietigd was, dan zouden de christenen in getransformeerde lichamen een glorierijke erfenis ontvangen in het hemelse Jeruzalem. En de Joden zouden een tijd van bovennatuurlijke vrede en voorspoed genieten in de aardse, fysieke stad Jeruzalem.
Struikelblok
Het is voor de hand liggend dat Darby’s theologie een enorm struikelblok vormt voor christenen die oprecht niet aflatende steun voor Israël willen promoten. Want als christenzionisme iets voorstelt, dan is het wel een diepe emotionele en geestelijke identificatie met Israël en het Joodse volk, een vereenzelviging die verder gaat dan theologie of rationalisering. Door het geloof in de Jood Jezus verstaan we op het niveau van ons hart, zelfs als we niet Joods zijn, dat we op een of andere manier deel uitmaken van deze unieke familie van Abraham. Zo dat we als we lezen, “Indien jullie nu Christus toebehoren, dan zijn jullie nageslacht van Abraham, en naar de beloften, erfgenamen,” (Galaten 3:29), we in ons hart ‘Amen!’ zeggen. Het kan je niet onverschillig laten.
Om die reden kunnen we geen achterdeur voor ontsnapping openhouden als we vierkant achter Israël gaan staan, zoals we beloofd hebben. Hun strijd is onze strijd. Wij moeten om hen heen staan, niet als bewonderaars, maar als familie. Het doet er niet toe dat de meerderheid van de Joden ons niet erkent of accepteert als mishpocha. Wij weten dat het zo is! Daarom moeten we in geloof handelen en geloven dat ons belang er mee gemoeid is: we zullen alleen delen in de zegeningen van Israël als we niet voortijdig afhaken. We moeten voor de lange termijn ons er voor inzetten. We moeten met de Joden één zijn, kome wat er van komt, en vertrouwen dat we ons met hen zullen verheugen over de glorieuze verlossing die onze God beloofd heeft.
De schrijver is de auteur van ‘Valley of the Steepless: How Jesus saved us from Christianity’.
Dit artikel van Brian J. Hennessy verscheen in juni 2010 in The Jerusalem Post Christian Edition

24 Reactie(s) RSS
Er wordt gesuggereerd dat de leer van de opname ook een vervangingsleer is. Maar de leer van de opname vóór de 'grote verdrukking' heeft niets van doen met de vervangingsleer , want God gaat in deze bjibelse leer zijn weg met het Joodse volk, ook nu in deze tijd, voordat de opname plaatsvindt.
De leer van de opname vervangt niet Israel door de kerk, maar ziet ze juist beide naast elkaar. De schrijver van dit artikel is blijkbaar in die (kerkelijke) leer opgevoed en toont dat hij geen juist beeld heeft van de argumenten van de leer van de opname.
De opname wordt beschreven als een in de steek laten van Israel, verraden zelfs. Maar dat is het natuurlijk helemaal niet. Als wij na de opname met Christus zijn, is dat óók met het volk Israel zijn. Immers, ook Christus verraadt Zijn volk niet, omdat Hij hen vanuit de hemel helpt !!
Hier zit het kromme van de redenering, want gedurende de 1260 dagen, wanneer wij dus één met Christus zijn, zullen wij Israel des te meer liefhebben en des te meer kunnen helpen. Want de hémelse legerscharen gaan dan de overwinning behalen. Dat toont Openbaring 6-19.
Het punt waar het in het artikel om gaat is dat niet onze gevoelens van sympathie of antipathie, maar de Bijbel en de profetieën moeten bepalen hoe het zal gaan! Niet van belang zijn de redeneringen over wat wij wel of niet aardig en eerlijk vinden. Duidelijke bijbelteksten moeten de doorslag geven.
Weet nog wel dat specifiek m'n grootouders,oud ers waren al op de grote twijfel-toer,er van overtuigd waren dat de kinderen Gods ieder moment beschermd zijn en blijven. De generatie van m'n ouders koppelden zich vaak al enigzins los van het geloof. "Religie was immers door mensen in elkaar gekneed"...opperde wijlen m'n vader. Hij zag blijkbaar niet dat het geloof toch anders is dan religie.
Voor mijzelf was het geloof in die jaren ook een groot acacadabra; begreep er NIETS van. De tegenstrijdighe den die je waarnam; zelfs al als jong kind.Die maakten het geschreven Woord zo ONgeloofwaardig . Hoe kon men nu gelukkig door het leven gaan,als er zo veel verdriet en ellende nog aanwezig is, hier op aarde?/! Hoe ouder 'k werd, hoe verder Yhwh van me af ging staan. "Nee,Anneke nam zelf indirect/onbewust al heel jong afscheid,van haar geestelijke Vader"
Máár zo kleine tien jaar geleden is ze in d'r nek gegrepen en weer met beide benen op de grond gaan staan. Via een goedaardige vorm van schildklierkank er zijn de ogen geopend en de oren uitgespoten. De balk is stap voor stap verwijderd - Haleluyah!
Ja, moet je luisteren:
Er zullen er twee in het veld zijn,en een zal er opgenomen worden.
Een aan de zijde van Yeshua werd behouden..
Vijf wijze maagden mochten naar binnen..
Een Jood is iemand die naar het hart besneden is.
Een Jood is ook een vleselijke afstammeling van Abraham.
Die laatste gaat zich echt wel afvragen waar die eerste
gebleven is na de opname..
Als die eerste niet in staat was de tweede het evangelie te geven,
heeft deze altijd nog de genade te verwachten zoals beloofd.
Dan zal geheel Israel behouden worden...
Ik zie het dilemma niet zo...
Quote: “Erger nog, we jubelen triomfantelijk over ons ‘verlossend vertrek’ zonder een woord van verontschuldigi ng aan onze Joodse vrienden.'...
“erger nog”??
Denkt iemand daar nog over in te zitten op het moment van opname?
Of daarna?
Gelukkig kent Gods gerechtigheid een hogere maatstaf dan de onze!
Tot die tijd doorgaan een levende getuige te zijn.
DJ.H. Nooitgedagt zei:
aar zijn we allemaal toe geroepen!
Ja, moet je luisteren:
Er zullen er twee in het veld zijn,en een zal er opgenomen worden.
Een aan de zijde van Yeshua werd behouden..
Vijf wijze maagden mochten naar binnen..
Een Jood is iemand die naar het hart besneden is.
Een Jood is ook een vleselijke afstammeling van Abraham.
Die laatste gaat zich echt wel afvragen waar die eerste
gebleven is na de opname..
Als die eerste niet in staat was de tweede het evangelie te geven,
heeft deze altijd nog de genade te verwachten zoals beloofd.
Dan zal geheel Israel behouden worden...
Ik zie het dilemma niet zo...
Quote: “Erger nog, we jubelen triomfantelijk over ons ‘verlossend vertrek’ zonder een woord van verontschuldigi ng aan onze Joodse vrienden.'...
“erger nog”??
Denkt iemand daar nog over in te zitten op het moment van opname?
Of daarna?
Gelukkig kent Gods gerechtigheid een hogere maatstaf dan de onze!
Tot die tijd doorgaan een levende getuige te zijn.
Daar zijn we allemaal toe geroepen!
Als de gelovigen, de getrouwen, bij die komst dan al "weg" waren, zou het beest niet oorlog tegen hen kunnen voeren; zie de Openbaring.
De wegrukking is bij de laatste bazuin, de zevende, dan is er geen tijd meer en komen de zeven schalen met de gramschap van God.
Wie een oor heeft, hore.
Het is eigenlijk gebaseert op maar enkele teksten (1kor.15;51)(1 Tes.4;13-18)welke naar mijn idee van toepassing zijn aan het einde van het vredesrijk als er een nieuwe hemel en aarde zal komen.
Zo is ook de verwachting van de laatste jaarweek onterecht daar die al lang geschiedenis is met als hoogtepunt halverwege de laatste week de stopzetting van het offer door de kruisdood van Jezus.
Ook uit 't oogpunt van Goddelijke orde vind ik bijbelse grond voor de opname.
Hoeveel wedergeboren Christenen met weinig Bijbelkennis zullen in hun argeloosheid dan het merkteken aannemen? Let op! Ze worden dan nog niet vervolgd of met de dood bedreigd.
Antwoord: heel veel !!
Die wedergeboren Christenen zijn dan en voor eeuwig behouden en voor eeuwig verloren??
Dat is een situatie die de Here God naar mijn idee zal uitsluiten.
Daarom zal de gemeente, zoals God's Woord ons leert, bewaard worden voor de ure der verzoeking die over de gehele aarde zal komen.
Ook hier weer: Onze God is een God van orde.
Zelf ben ik er ook nog niet helemaal uit of de gemeente nu wordt opgenomen voor of halverwege de jaarweek.
Maar een opname aan het einde van de grote verdrukking kan naar mijn inzichten echt niet.
Paulus moest juist de Thessalonicenze n gerust stellen omdat ze vreesden achtergebleven te zijn omdat ze gehoord hadden dat de gote verdrukking reeds aangebroken was.
En ze waren nog op aarde! Grote paniek dus.
Overdenkt u dit eens:
Ten tijde dat de mens in zonde viel, werd het de mens door God's ingrijpen direkt onmogelijk gemaakt om na deze misstap ook van de boom des levens te kunnen eten.
God bracht een strikte scheiding aan om de staat waarin de mens na de zondeval verkeerde, te laten zoals deze was geworden.
Onze God is een God van orde.
We stellen even dat de gemeente niet opgenomen wordt, en dus niet bewaard wordt voor een situatie die toch echt heel anders is dan die nu nog geldt.
Er komt een periode waarin enkel wie volhardt tot het einde, zalig zal worden.
Immers, een ieder die het merkteken accepteert is absoluut voor eeuwig verloren.
Dat is dan toch wel een andere, zelfs voorwaardelijke , behoudenis dan welke ons nu in het evangelie aangeboden wordt?
Als wedergeboren Christenen hebben we in Jezus Christus het eeuwige leven ontvangen.
En dat is een absolute behoudenis.
Wanneer de gemeente niet gescheiden wordt van de mogelijkheid om na eeuwig behouden te zijn vervolgens ook voor eeuwig verloren te kunnen gaan, ontstaat er toch een groot probleem.
Met andere woorden: maak je de verdrukking mee, dan verandert je absolute behoudenis in een voorwaardelijke : je zult tot het einde moeten volharden.
(zie vervolg)
Voor mij is het zeker geen oeverloze discussie. Hoe zou een discussie over de naderende toekomst en het komende heil van onze Heer oeverloos kunnen zijn? Met verlangen zien wij naar Hem uit dus is het normaal en natuurlijk om er met elkaar over te filosoferen. Dat daarbij meningsverschil len bestaan over het hoe en wat, is helemaal niet erg.
Wel kan het moment komen dat de argumenten uitgeput raken en er sprake is van een welles-nietes-situatie. Op dat moment stokt de discussie.
Ik heb dan ook niets meer toe te voegen. Concluderend: ik vind het artikel van Hennessy een buitengewoon interessant en belangwekkend stuk. Voor mij is het ondenkbaar en onschriftuurlij k dat er alléén voor de staat Israël en het Joodse volk een verdrukking aanstaande zou zijn die nog groter is dan de shoa. De Grote Verdrukking begon in 70 nChr en liep uit op Auschwitz. Een grotere verdrukking dan deze profeteert de Schrift niet.
Het feit dat deze verdrukking van Israël (bijna) ten einde is, is mijns inziens de sterkste aanwijzing dat de wederkomst van de Zoon des Mensen aanstaande is. Hij komt haastig! Om te oordelen de levenden en de doden. De tijd is nabij. Vrijspraak is beloofd voor een ieder die gelooft in Jezus Christus, onze HEER en God. Doet u dat al?
Niets is zo moeilijk dan om allerlei details in de eschatologie een plek te geven. Dat is ook logisch, want we spreken over dingen die nog moeten plaatsvinden.
Daarom is voor mij het allerbelangrijk ste: Jezus komt!
Niet verzanden in oeverloze discussies, maar je richten op de Heer.
Nee, dat is helemaal geen 'wishful thinking'. Het Oude en Nieuwe Testament staan immers vol van de glorieuze toekomst van het volk Israel in het rijk van de Messias.
Fijn dat je in elk geval het met me eens bent dat het gedeelte in Matt 24 over de Grote Verdrukking reeds in vervulling is gegaan toen Jeruzalem in 70 nChr werd verwoest.
Je noemde nog de Grote Verdrukking uit Openbaring 7:14. Deze was ik inderdaad vergeten, maar nu had ik de kans om hem nog even te lezen en opnieuw een inconsistentie te vinden in het darbistische denken.
Immers, het gaat in Opb 7:14 om de grote schare die niemand tellen kan, uit alle volken op aarde. Zij komen uit de Grote Verdrukking. Alleen, in jouw visie waren de gelovigen uit de volken op dat moment reeds opgenomen in de hemel. Hoe kan het dan dat we hier ineens over gelovige niet-Joden lezen, die de Grote Verdrukking op de aarde hebben doorstaan? Waarschijnlijk zul je antwoorden dat deze mensen tijdens de Grote Verdrukking tot geloof zijn gekomen, en vervolgens gestorven zijn.
Zo kom ik op een ander bezwaar. Het zit zo: jij en ik geloven allebei dat wij met de gemeente opgenomen zullen worden in de lucht, de Heer Jezus tegemoet.
Het verschil is echter dat ik denk dat de geschiedenis dan ophoudt. De schapen worden van de bokken gescheiden en dat is het dan. Jij daarentegen denkt dat het daarna nog zeven jaar doorgaat, nieuwe ronde, nieuwe kansen voor hen die achterbleven. M.i. terecht zei ds. Guido de Kegel ooit dat dat 'wishful thinking' is.
Ik heb overigens niet de illusie iemand nu van dit wensdenken af te helpen. Die kanonnade aan boeken en films in de serie De Laatste Bazuin heeft oneindig veel meer invloed gehad dan een eenvoudig bloggertje als ik ooit zou kunnen.
Hartelijke groet, Gert-Jan
Wat betreft Matt.24: er zijn ontzettend toch echt veel profetieën niet vervuld, waarvan je wel kunt zeggen dat ze een 'voorvervulling' hebben gehad. Vers 24-28 zijn niet vervuld. Die GROTE verdrukking komt nog, zie ook: Openb.7:14 (dezen komen uit de grote verdrukking). Maar soms heet het iets anders: Jer.30:7 (de tijd van benauwdheid voor Jakob) of Dan.12:1 (tijd van benauwdheid), of Dan.8:19 (de gramschap), of Dan.9:27 (dan komt een gruwelijke vleugel van verwoesting), of Openb.3:14 (de ure der verzoeking over de hele aarde). Allemaal toekomstig. En het komt eraan, oke, dag en uur kennen we niet, maar toch... kijk eens op www.vergadering.nu naar de eindtijdstudies van Frank Ouweneel. Hij geeft dit jaar veel concrete aanwijzingen.
Wat of wie houdt de afval tegen uit 2 Thess 2:6-7? Jij zegt: de gemeente. Wanneer die van de aarde is weggenomen, kan het kwaad volledig zijn gang gaan.
Dit is inderdaad de uitleg van Darby, die door veel Maranatha-christenen is overgenomen. Maar lang niet door alle. Het is zeker niet de "algemeen aanvaardbare uitleg".
Wat daarentegen wèl glashelder is, is dat eerst de afval en de antichrist moeten komen, en daarna pas onze vereniging met Christus (zie v.1-3), niet omgekeerd.
Als er na de opname van de gemeente in jouw visie nog 1260 dagen zouden overblijven, zouden de slimme Bijbellezers in die eindtijd dan niet precies de wederkomst van de Heer Jezus kunnen berekenen? Hoe stem je dat overeen met de waarschuwing dat niemand de dag noch het uur kent? Geldt die waarschuwing dan ineens niet meer?
Wat betreft Matt. 24: de enige keer dat de uitdrukking 'Grote Verdrukking' (thlipsis megalè) in de Bijbel voorkomt, is hier. De HEER Jezus gebruikt deze woorden wanneer Hij profeteert over de wegvoering van de Joden uit Jeruzalem. Dat betekent dus dat Matt. 24:21 in vervulling is gegaan in het jaar 70 n.Chr. Sterker nog: alles wat geschreven staat in de verzen 15 t/m 28 van dit hoofdstuk, is in dat jaar in vervulling gegaan! Een 'voorvervulling', zoals jij dat noemt, dat klinkt mij iets te magertjes in de oren.
Hartelijke groet, Gert-Jan Kroon
Wat Matt.24 betreft: er kunnen best voorvervullinge n geweest zijn, maar de definitieve vervulling komt er spoedig aan. Hoe we ook over de opname denken.
Wat het betoog van Hennessy betreft: hij noemt enkele nadelige zaken, die helemaal niet nadelig zijn, zelfs voordelig, zoals ik probeerde aan te tonen.
Ook heeft de opname niets van doen met de vervangingingsl eer. Immers God gaat zijn weg met het Joodse volk ook nu, voordat de opname plaatsvindt.
De opname wordt beschreven als een in de steek laten van Israel, verraden zelfs. Maar dat is het natuurlijk helemaal niet. Als wij met Christus zijn is dat óók met het volk Israel zijn. Christus verraadt immers ook zijn volk niet omdat Hij hen vanuit de hemel helpt?! Hier zit het kromme van de redenering. Want gedurende de 1260 dagen dat wij één met Christus zijn, zullen wij Israel des te meer liefhebben en helpen. De hémelse legerscharen gaan dan de overwinning behalen. Punt waar het om gaat is dat de Bijbel en de profetieën moeten bepalen hoe het zal gaan en niet wat redeneringen over wat wij wel of niet aardig en eerlijk vinden.
Leest u en vergelijk u zelf maar:
Genesis 45. 1 Toen kon Jozef zich niet langer goed houden tegenover allen die daar bij hem waren. ‘Laat iedereen weggaan!’ riep hij. Zo was er niemand bij toen Jozef zijn broers vertelde wie hij was. 2 Hij barstte in tranen uit en huilde zo luid dat de Egyptenaren het hoorden en dat het ook in het paleis van de farao te horen was. 3 Hij zei tegen zijn broers: ‘Ik ben het, Jozef!
RSS lijst met reacties op dit artikel