March of the living, mars van de levenden. Er is geen betere omschrijving voor deze gebeurtenis. Op de meest donkere plaatsen die je je kan indenken, lopen jongeren uit de hele wereld van het ene concentratiekamp Auschwitz naar het andere. Er zijn vele woorden voorbij gekomen om te omschrijven hoe deze mars ervaren wordt. Maar ‘leven’ vat het het beste samen.
De mars begint bij het crematorium, de plek waar voor oneindig veel mensen het leven eindigde. Pas als ik hier sta begin ik te begrijpen wat deze mars de wereld wil vertellen. De dood is niet het einde. Het leven overwint.
De duizenden mensen staan door heel het concentratiekamp heen te wachten tot ze mogen lopen. Ik dacht bedrukte gezichten te zien. Misschien een wat treurige sfeer. Maar ik al die jongeren stralen een overtuiging uit. Hier willen ze zijn. De opgewekte stemming geeft blijk dat zij willen laten zien dat leven het laatste woord heeft.
Ik zie van alles om mij heen. Jongeren uit allerlei landen: Turkije loopt ook mee, net als Marokko. En ze weten waarvoor ze lopen: voor hun grootouders, omdat ze Holocaust willen herdenken, omdat ze een vuist willen maken tegen het antisemitisme in hun land.
Hartverwarmend is het dat veel jongeren kleinigheidjes hebben meegenomen om aan andere uit te delen ter bemoediging. Kaartjes met teksten, sleutelhangers, broches. Daardoor praat iedereen met iedereen en worden er bruggen van begrip en saamhorigheid gebouwd.
Al die duizenden jongeren lopen naar Birkenau. Duizenden Israëlische vlaggen zie ik wapperen in de wind. Veel van die vlaggen hebben een zwart lint, als teken dat ze rouwen om het grote verlies van Polen. Juist de Israëlische jongeren zie ik massaal met zo’n zwart lint. Wat bijzonder. Het is alsof Israël op zijn beurt nu iets teruggeeft aan Polen.
De laatste groep die Birkenau komt binnenlopen, is een groep uit Afula in Israël. De jongeren lopen zingend het terrein op. Ze zijn in het wit gekleed en dragen bijna allemaal een Israëlische vlag met zich mee. Wit in plaats van zwart, en bruisend van leven.
Dan worden de fakkels aangestoken. Ter nagedachtenis aan de mensen die de Holocaust overleefden en aan degenen die zich inzetten om Joden te redden. Tot slot klinkt een Joods gebed, gevolgd door het Hatikva, het Israëlische volkslied.
