fbpx
  • Israëlnieuws via Whatsapp

  • Nieuws

    Trots en pijn van de Circassianen

    30 juli 2013
    De Israëlische president Shimon Peres ontmoet enkele in klederdracht gehulde circassianen uit de Circassiaanse gemeenschap in Israël. | Foto: Flash90

    De Israëlische president Shimon Peres ontmoet enkele in klederdracht gehulde circassianen uit de Circassiaanse gemeenschap in Israël. | Foto: Flash90

    Vanwege bloedige vervolging vluchtte twee eeuwen geleden een kleine gemeenschap van niet-Arabische moslims uit Zuid-Rusland naar Palestina. De Circassianen, want zo heten zij, vestigden zich in Galilea. Nu dreigen zij de Olympische winterspelen die in 2014 in Rusland gehouden worden, te verstoren omdat zij erkenning willen.

    Onder de diversiteit van etnische en religieuze minderheden in Israël, beschouwen de Circassianen zich als slachtoffers van een historische genocide en etnische zuiveringscampagne. Zij lijken wat dat betreft veel op de Armeense gemeenschap die ook in het land woont.

    De Circassianen in Israël zijn een deel van een grotere verstrooide gemeenschap die bij elkaar zo’n vijf miljoen mensen wereldwijd telt. Leden van de gemeenschap laten van zich horen nu voor februari 2014 in Sochi, Rusland, de 22ste Olympische Winterspelen gepland staan.

    Kwetsende spelen
    Sochi wordt door de Circassianen gezien als de traditionele hoofdstad van hun oude vaderland in het gebied van de Kaukasus. Dit gebied was door Rusland gewelddadig en bloedig tot onderwerping gebracht en opgedeeld in een federatie van vier verschillende republieken.

    De Circassianen zien deze aankomende winterspelen als buitengewoon kwetsend, omdat ze gehouden worden op een plek waar in de jaren zestig van de 19de eeuw (1860) de Russen ontelbaar veel Circassianen hebben gedood. Nog meer belediging komt bij deze rouw, omdat die winterspelen van 2014 precies vallen op de 150ste herdenkingsdag van, zoals zij claimen, een Russische genocidecampagne tegen het volk der Circassianen.

    Bovendien is er op grote schaal een ontwijding van graven van Circassianen aan de gang, omdat de infrastructuur opgebouwd moet worden om accommodatie te bieden aan de atleten en toeschouwers van de winterspelen. Iyad Youghar, hoofd van de Internationale Raad van de Circassianen, bepleitte pas geleden: “We willen dat de atleten die hier wedstrijden spelen, zullen weten dat zij aan het skiën zijn op de beenderen van onze verwanten.”

    In mei 2011 werd Georgië de eerste staat die officieel de Russische acties tegen de Circassianen als genocide bestempelde. De eerste belangrijke historische weergave van de tragische periode werd onlangs (in maart 2013) ook gepubliceerd. Het is getiteld The Circassian Genocide, en is geschreven door Walter Richmond, directeur van het Russische Studies Programma aan het Occidental College in Los Angeles.

    Eigen cultuur en taal
    De Circassianen zijn een etnische groep uit het noorden van de Caucasus. Ze hebben een onderscheiden cultuur en taal, het Adyghe. Tijdens de Russische verovering van de Caucasus in de 19de eeuw werden zij met geweld uit hun vaderland verdreven.
    De uitbreidingscampagne betrof het Russische Rijk, dat voor het grootste gedeelte uit Orthodoxe christenen bestond. Zij doodden en ontheemden de daar geboren moslim bevolkingsgroepen en deporteerden hen naar de randgebieden van het Ottomaanse Rijk.

    Sommigen schatten dat meer dan anderhalf miljoen Circassianen tijdens oorlog en genocide om het leven gebracht zijn. Honderdduizenden stierven tijdens de periode van verdrijving en verplaatsing naar elders. De Ottomanen erkenden de Circassianen als bekwame en ervaren strijders die tijdens het paardrijden het gebruik van wapens meester waren. Daarom assimileerden en hervestigden de Ottomanen hen in grenssteden en -dorpen om de grenzen van het Ottomaanse Rijk te versterken.

    Het bewijs van de aanwezigheid van Circassianen in de noordelijke Kaukasus gaat duizenden jaren terug. In feite geloven moderne antropologen dat de Circassianen sinds het Stenen Tijdperk in dit gebied woonden (ongeveer 8000 v.Chr.). Men neemt aan dat in 400 v.Chr. het eerste Circassiakoninkrijk gevestigd is, maar dit kon niet standhouden tijdens de periodieke plundertochten van de Mongolen, Pecheneg stammen, Hunnen en Khazaren.

    Circassianen in Israël
    Heden ten dage wonen vier miljoen Circassianen in verstrooiing. Grote groepen van hen wonen in Amerika, Duitsland, Jordanië, Syrië, Irak en Libië. De grootste concentratie van bijna drie miljoen Circassianen is in Turkije. Een ander miljoen woont nog steeds in hun vaderland, dat nu onderdeel is van Zuidwest-Rusland.

    In de tussentijd heeft een kleine groep zijn weg naar Israël gevonden, waar ongeveer vierduizend van hen in twee gemeenschappen leven. In 1876 stichtten de Circassiaanse nieuwkomers de nederzetting Kfar Kama, dat net ten oosten van de berg Tabor ligt. Rehaniya werd in 1873 gesticht vlak bij de Libanese grens. Beide stadjes kwamen van de grond net voordat de eerste grote golf van Joodse immigranten uit Zuid-Rusland arriveerde in 1881.

    Omdat de Circassianen en velen van de vroege Joodse nederzettingbewoners uit de 19de eeuw de Russische taal deelden, waren er goede relaties tussen hen. Ten tijde van het Britse Mandaat hielpen de Circassianen – die moslim soennieten zijn – metterdaad bij de Joodse immigratie vanuit Libanon, en vochten zij met de Joden mee in de Onafhankelijkheidsoorlog van 1948.

    Volgens Zuhair Thawcho, directeur van het Circassian Heritage Museum in Kfar Kama, hebben de Circassianen gedurende een zekere periode goede betrekkingen met de Joden gehad. In 1942 bijvoorbeeld, verborgen Circassianen in Besleney (Rusland) 32 Joodse kinderen voor het binnenvallende Duitse leger. Zij deden dit met groot gevaar voor eigen leven.

    Een van deze geredde Joodse kinderen is Rosa Bergman, die vandaag in een bejaardenhuis in Israël woont. Zij was in 1941 geboren uit Joodse ouders die leefden in het gebied van de Circassianen dat vandaag Kabardino-Balkaria heet, een van de Russische federatierepublieken. Haar ouders waren bang voor de nazi’s en gaven haar weg aan een Circassiaanse familie die haar grootbrachten tot zij 16 jaar was. Uiteindelijk immigreerde ze in 2004 naar Israël.

    Vandaag zijn de Circassianen goed geïntegreerd in de Israëlische samenleving. Bijna alle mannelijke leden dienen in de IDF. Zij behouden hun identiteit door het bewaren van hun taal en cultuur. Naast hun moedertaal (Adyghe), leren zij ook Hebreeuws, Arabisch en Engels, zodat zij van de middelbare school afkomen met meerdere taalvaardigheden.

    Gedeeltelijk door Ottomaanse invloed zijn veel Circassianen in Israël vandaag moslimsoennieten. Dit was niet altijd zo. In de 5de eeuw stuurden de Byzantijnen zendelingen uit Griekenland naar Circassia om de bevolking van hun heidense wegen te bekeren. Sinds die tijd zijn veel Circassianen overgegaan naar het Orthodoxe christendom, en werden zij onderdanen van het Byzantijnse Rijk. Circassianen die nu in de tegenwoordige Republiek van Noord Ossetia-Alania wonen – gelegen aan de verste oostgrens van het historische Circassia – blijven Orthodoxe christenen. De meesten van hen werden moslim tijdens de islamitische verovering en later tijdens de Ottomaanse expansie.

    Groeiend nationaal besef
    Gedurende de laatste tien jaar is het nationalisme onder de Circassianen toegenomen, vooral onder de jongere generatie. Velen willen dat een onafhankelijke staat opgericht wordt in het gebied van het historische Circassia van voor de Russische verovering. Zij willen ook meer officiële erkenning van de genocide die tegen hen is uitgevoerd, en de terugkeer van Circassiaanse volksstammen naar hun eigen vaderland.

    Om het Russische immigratiebeleid voor Circassianen onder druk te zetten – een klein aantal per jaar mag maar immigreren – is een aantal organisaties in het leven geroepen om diaspora Circassianen aan te moedigen ‘naar huis’ terug te keren. Een daarvan is de
    International Circassian Association.

    Daar komt bij dat een van de Russische federatierepublieken, Adygea, in augustus 2009 geprobeerd heeft het immigratie quota voor de Circassianen van de toegestane 50 naar 1400 te krijgen.

    Hoewel tijdens de 22ste Olympische Winterspelen geen Circassiaanse vlag te zien is, zullen de meer dan vijf miljoen Circassianen er mee doorgaan trots op hun etnische erfgoed en cultuur te zijn. Zij zullen steeds luider hun stem verheffen over de gruwelijkheden die tegen hen begaan zijn. Wie weet, kan de schijnwerper op de aankomende Sochi spelen hun uiteindelijk een kans geven gehoord te worden.

    Dit artikel verscheen in het juninummer 2013 van The Jerusalem Post Christian Edition. | Vertaling: Evelien van Dis