fbpx
  • Het Bijbellandenmuseum in Jeruzalem. | Foto: Alfred Muller
  • Israëlnieuws via Whatsapp

  • Nieuws

    Bijbellandenmuseum toont oud fragment Johannesevangelie

    Alfred Muller - 1 juli 2014

    Bezoekers aan het Bijbellandenmuseum in Jeruzalem hebben deze zomer de kans om het een na oudste fragment van het Evangelie van Johannes te zien dat ooit is gevonden.

    Het fragment van het Evangelie van Johannes, genaamd P39. | Foto: Alfred Muller

    Het fragment van het Evangelie van Johannes, genaamd P39. | Foto: Alfred Muller

    Het fragment heet ‘Papyrus 39’ of ‘P39’ en bevat Johannes 8:14-22. Het blad meet circa 250 bij 77 mm, telt 25 lijnen en heeft drie van de vier randen behouden. De twee letters bovenaan de pagina zijn de Griekse omicrom en delta, oftewel ’74’.

    Hoogstwaarschijnlijk werd de tekst tussen het einde van de tweede eeuw of het begin van de derde eeuw geschreven in de stad Alexandrië. In deze stad in Egypte woonden destijds geleerden. In Alexandrië bestond een grote Joodse en een groeiende christelijke gemeenschap.

    Het boek was bestemd voor de christelijke gemeenschap in Oxyrhynchus. Deze stad lag in de woestijn ten westen van de Nijl op ongeveer 160 kilometer ten zuidwesten van Cairo. Oxyrhynchus was een grote stad in de Grieks-Romeinse tijd. De bewoners bekeerden zich tot het christendom en de stad had vele kerken en kloosters. Water hadden de bewoners te danken aan een zijtak van de Nijl, de Bahr Yussef.

    Vuilnis
    De bewoners deponeerden hun vuilnis buiten de stad. Daartoe behoorden documenten uit de eerste tot zesde eeuw, die langzamerhand werden bedekt met woestijnzand. Aan deze gang van zaken hebben we een van de grootste archeologische schatten te danken die ooit zijn gevonden.

    Bernard Grenfell (links) en Arthur Hunt (rechts) waren twee geleerden van het Queens College in Oxford die in Oxyrhynchus oude fragmenten van de Bijbel terugvonden. | Foto: Wikipedia.

    Bernard Grenfell (links) en Arthur Hunt (rechts) waren twee geleerden van het Queens College in Oxford die in Oxyrhynchus oude fragmenten van de Bijbel terugvonden. | Foto: Wikipedia.

    Oxyrhynchus werd in de negentiende eeuw herontdekt. De vuilnisbelt bleek vele van de vroegste documenten te bevatten van het christendom. Ook andere documenten uit de klassieke oudheid kwamen aan het licht, waaronder apocriefe en filosofische geschriften. Twee geleerden van het Queen’s College in Oxford vonden het fragment ‘P39’ in september 1922. Waarom de christenen in de stad dit op de vuilnisbelt hadden gegooid, is een raadsel.

    “Het is ongelooflijk om iets te kunnen zien wat iemand achttienhonderd jaar geleden schreef”, zegt curator dr. Filip Vukosavović van het Bijbellandenmuseum. “Voor ons in dit museum is het heel belangrijk de oudste delen van zowel het Oude Testament als het Nieuwe Testament te tonen. We hebben ook andere delen van de Bijbel uit andere tijden. Op deze wijze kunnen we laten zien hoe de Schrift zich ontwikkelde en hoe deze van generatie op generatie werd doorgegeven.”

    Boek der boeken
    De tentoonstelling maakt deel uit van de expositie Book of Books (Boek der boeken), die tot eind oktober dit jaar in het Bijbellandenmuseum te zien is. De tentoonstelling is grotendeels gebaseerd op de collectie van de familie Green in Oklahoma. Deze familie van schatrijke evangelische christenen heeft veertigduizend voorwerpen gekocht, die met de Bijbel te maken hebben.

    Bijbellandenmuseumdirecteur Amanda Weiss schrijft in de catalogus die bij de expositie hoort, dat het gaat om de eerste uitgebreide presentatie van zowel de Hebreeuwse Tenach als het Nieuwe Testament in Israël. Een groep wetenschappers, genaamd de Green Scholars Initiative, zijn betrokken bij het onderzoek naar de voorwerpen. Zij zijn werkzaam bij tientallen universiteiten, hogescholen en seminaria.

    De expositie laat zien hoe de Bijbel tot ons gekomen is. Bezoekers kunnen onder meer originele fragmenten van de Septuaginta bekijken, manuscripten van het Nieuwe Testament, geïllustreerde Joods manuscripten, fragmenten van de Cairo Geniza en originele pagina’s van de Gutenbergbijbel.

    De Septuaginta is de vertaling van het Oude Testament in de Griekse taal. Het boek heeft een lange en ingewikkelde ontstaansgeschiedenis, die omstreeks 150 v.Chr werd afgerond. De in de negentiende eeuw ontdekte Cairo Geniza lag in een opslagplaats van de synagoge Ben Ezra in de Egyptische hoofdstad. Daar bleken Joden de eeuwen door driehonderdduizend documenten te hebben gedeponeerd. Johannes Gutenberg drukte omstreeks 1450 de eerste volledige Bijbel in het Latijn. Van de eerste oplage van zo’n 180 stuks zijn 30 tot 40 exemplaren bewaard gebleven.

    Bij de permanente expositie van het Bijbellandenmuseum zijn tal van voorwerpen te zien uit de landen waarin de Bijbel is ontstaan. Deze werpen licht op de oude culturen van het Nabije Oosten. Het museum werd opgericht door de historicus en verzamelaar van voorwerpen uit de oudheid, dr. Elie Borowski, en zijn vrouw Batya. Het museum staat in het gedeelte van Jeruzalem waar ook het Israel Museum en het Wetenschappelijk Museum staan.

    Oudste manuscripten van de Bijbel

    De oudste fragmenten van het Nieuwe Testament stammen uit de tweede eeuw. Ze bevatten delen van de evangeliën van Lucas, Matteüs en Johannes. De meeste van deze manuscripten komen uit de Nijldelta. In dit gebied werden ook tal van oude Joodse teksten bewaard.

    Peter J. Willams en Dirk Jongkind schrijven in de catalogus die bij de expositie Book of Books hoort, dat er meer dan 5700 manuscripten zijn gevonden die wetenschappers rekenen tot het Nieuwe Testament. Deze manuscripten variëren van fragmenten tot complete boeken.

    Het oudste complete deel van het Nieuwe Testament is de Codex Sinaïticus die stamt uit het midden van de vierde eeuw. In ongeveer dezelfde tijd werd de Codex Vaticanus geschreven, die bijna het hele Nieuwe Testament bevat.

    Vanaf het einde van de negentiende eeuw vonden wetenschappers echter ook papyrussen, de in grote hoeveelheden bewaard zijn gebleven in het droge klimaat van het zuiden van Egypte. Vele van deze fragmenten zijn ouder dan de codices uit de vierde eeuw.

    Over de auteur