fbpx
  • - Foto: CvI
  • Israëlnieuws via Whatsapp

  • Nieuws

    Hoe was het in het begin?

    Ds. Henk Poot - 23 maart 2015

    We vragen ons dus af waarom sommige mensen in de kerk liefde voor Israël hebben en andere mensen er hun schouders over op halen en we hebben al gezien dat het alles te maken heeft met hoe we met de Bijbel omgaan en vooral hoe we omgaan met het Oude Testament. Daar gaat het immers bijna alleen maar om Israël.

    Een tijdje geleden kwam ik een opmerkelijke tekst tegen in het boek Handelingen. Ik had er eigenlijk altijd overheen gelezen, maar tegenwoordig gebruik ik hem bijna elke keer als ik over Israël spreek.

    De tekst die ik bedoel is: Handelingen 17:11. Paulus is op zendingsreis in Griekenland en bezoekt na nogal wat nare ervaringen in Thessaloniki, de Joodse gemeenschap in Berea. En dan lezen we dat de Joden in Berea het woord van Paulus en zijn vrienden Silas en Timotheüs met alle bereidwilligheid aannemen, maar ook dit, dat zij dagelijks de Schriften nagaan om te kijken of het allemaal wel waar is wat de apostelen zeggen.

    Het Oude Testament is door en door christelijk en het Nieuwe is door en door Joods. De Bijbel is Een!

    En dan moeten we twee dingen beseffen: Het eerste is dat die Joden in Berea zelf geen bijbel hebben, dat wil zeggen: niet persoonlijk. Het zal nog eeuwen duren voordat er bijbels in boekvorm komen. De Bijbel staat opgetekend op dure boekrollen van perkament en die liggen in de synagoge.

    Het tweede is dat die Bijbel, met elk Bijbelboek zijn eigen boekrol, nog niet bestaat uit het Nieuwe Testament. Het zal nog zeker honderd jaar duren voordat we dat deel van de Bijbel hebben en voordat de kerk die dan inmiddels ontstaan is, heeft beslist welke boeken en brieven samen het Nieuwe Testament zullen vormen. Met andere woorden: De Joden in Berea onderzoeken de wet en de profeten om te kijken of het wel klopt wat Paulus zegt. En dat betekent natuurlijk nogal wat!

    Het betekent dat als de mensen in Berea die Paulus beluisterd hadden, in Jesaja en Jeremia en Ezechiël en Genesis, om maar wat te noemen, zaken waren tegen gekomen die Paulus anders had gezegd, ze hem daarop hadden aangesproken en hem hadden gecorrigeerd.

    Maar het betekent ook dat als Paulus in zijn preken over Jezus en over het komende Koninkrijk zaken hadden weggelaten die de wet en de profeten duidelijk verkondigden over de komende Messias en de plannen van God met Israël en de wereld, zij de apostel daar ook op gewezen hadden, zo van: ‘Meneer Paulus, prachtig wat u allemaal verteld heeft, maar..de profeten vertellen nog veel meer!’

    Dat betekent dus niets meer en niets minder dan dat het Oude Testament normatief is voor de prediking van het Evangelie. Waar het in de boodschap van de apostelen en van het latere Nieuwe Testament om gaat, staat in de Tenach, in de wet en de profeten. Het Evangelie loopt daar niet uit weg!

    Maria, de moeder van Jezus, oom Zacharias, Nathanaël, de honderdduizenden feestgangers in het Kidrondal die Jezus juichend inhaalden, de Emmaüsgangers en de discipelen hadden helemaal geen verkeerde, achterhaalde of ouderwets visie op de Messias, het Koninkrijk en de toekomst. Zij wisten wat God beloofd had en wat de Messias zou doen als Hij zou komen. Zij kenden de Bijbel!, hun Bijbel.

    Het is dus helemaal niet zo dat het Oude Testament vooral Joods is en het latere Nieuwe Testament vooral christelijk. Het Oude Testament is door en door christelijk en het Nieuwe is door en door Joods. De Bijbel is Een!

    Maar de vraag is ondertussen wel: Wat is dan ‘christelijk’ en wie is Christus en waar draait het om in de toekomst van de heilsgeschiedenis? Zou het zo kunnen zijn dat de christelijke dogmatiek dingen in een ander licht is gaan zien? Ja, dat zou zomaar kunnen.

    BEKIJK ALLE ARTIKELEN IN DEZE SERIE

    Over de auteur