fbpx
  • Wim bij de auto waarmee we op Jom Kippoer de nachtverpleegkundige naar Jona brengen. - Foto: Petra van der Zande
  • Israëlnieuws via Whatsapp

  • Nieuws

    Geen woorden, maar daden

    Petra van der Zande - 21 oktober 2016

    “Laat uw licht zo schijnen voor de mensen, dat zij uw goede werken zien en uw Vader, Die in de hemelen is, verheerlijken.” Mattheus 5:16 HSV

    In Israel draag je als Christen je geloof voornamelijk uit door daden, niet zo zeer met woorden. En soms mag je dat op een heel speciale manier doen.

    Onze pleegzoon Na’il zat in dezelfde kleuterklas als Jona’s gehandicapte zoontje. De orthodox-Joodse vrouw en ik begrepen elkaar met een paar woorden en ik probeerde haar altijd te bemoedigen. Onze wegen scheidden, tot we elkaar een paar jaar geleden opeens in onze buurtsuper tegenkwamen. Jona had nu twee gehandicapte jongens die 24 uur per dag verzorging nodig hadden. Zij deelden nu een groot huis met een andere gescheiden moeder.

    “Moge de Heere je kracht geven en zegenen, Jona!” Ik omarmde de chronisch zieke vrouw.
    “Zonder HaSjem zou ik het niet redden,” antwoorde zij.

    Zo’n vijf jaar geleden deelde Jona een dilemma met mij: “Ik weet niet hoe de nachtzuster op Jom Kippoer hier kan komen.” Een Joodse taxichauffeur mocht ze niet vragen en een Arabier weigerde op die dag te rijden. Tja, wat doe je dan als iemand je (indirect) vraagt een ‘Jom Kippoer mitswa’ te doen? “Gewoon doen,” zei Wim. “Geen woorden, maar daden.”

    Die Jom Kippoer reden we met een met rode davidssterren beplakte auto ‘s avonds stapvoets, met de knipperlichten aan, naar het huis van de verpleegster. Mensen wandelden midden op straat en overal waren kinderen op fietsen en skateboards. Een synagoge liep uit, en in een mum van tijd was de auto omringd door een boze menigte. Het was een wonder dat we zonder kapotte ramen thuiskwamen! Daarbij vergeleken was de ochtendrit een makkie. “Een volgende keer zetten we de dames op een veilig punt af en dan moeten ze de rest maar lopen,” zei Wim. “Op Jom Kippoer rij ik geen woonwijk meer in!”

    Die oplossing werkte voor beide partijen en gelukkig hoefden we de jaren daarop alleen nog maar ’s morgens te rijden. Inmiddels is het ‘traditie’ geworden. Erev Jom Kippoer staat de beplakte auto klaar voor de garage. ’s Morgens om 8.30 uur rijdt Wim bijna alleen op de uitgestorven wegen, op een politieauto, ambulance of ziekenhuispersoneel busje na. Het blijft spannend om op deze heilige dag te moeten rijden, maar wat een voorrecht dat we Jona op deze manier mogen bemoedigen en helpen, niet alleen met woorden, maar ook met daden!

    “En Jezus antwoordde hem: Het eerste van alle geboden is: Hoor, Israël! De Heere, onze God, de Heere is één. En u zult de Heere, uw God, liefhebben met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand en met heel uw kracht. Dit is het eerste gebod. En het tweede, hieraan gelijk, is dit: U zult uw naaste liefhebben als uzelf. Er is geen ander gebod groter dan deze.” Markus 12: 29-31 HSV

    Over de auteur