fbpx
  • Irina Bokova, directeur van Unesco. - Foto: Unesco
  • Israëlnieuws via Whatsapp

  • Nieuws

    Unesco-directeur neemt het op voor Israël

    26 oktober 2016

    In een brief aan de Israëlische minister van Onderwijs (die banden met de VN instantie verbrak over de Jeruzalem-resolutie), zegt Irina Bokova dat zij de afwijzing van Israëls bestaansrecht zal bestrijden.

    In het vooruitzicht van een nieuwe Unesco-stemming over een resolutie die Joodse banden met Jeruzalem wegwist, beloofde het hoofd van de culturele VN-instantie om pogingen die Israëls bestaansrecht ondermijnen, te bestrijden. “Met inbegrip van vormen die eenzijdige of verdraaide visies op cultuur en geschiedenis aanmoedigen.”

    In een brief van 18 oktober jl. reageerde de directeur van Unesco, Irina Bokova, op het (tijdelijk) verbreken van banden met de organisatie door de minister van Onderwijs, Naftali Bennett. De reden hiervan is een aangenomen controversiële resolutie door Unesco die keihard elke Joodse en christelijke banden met de Tempelberg ontkent.

    Het Wereld Erfgoed Comité van Unesco zal later in deze week stemmen over een gelijksoortige tekst die Joodse connecties met Jeruzalem helemaal weglaat.

    “Unesco-beslissingen worden door de lidstaten genomen en niet door de directeur of de organisatie zelf”

    “Sta me toe om u te verzekeren van mijn absolute toewijding alle pogingen aan te wenden om alle vormen van antisemitisme te bestrijden, met inbegrip van vormen die eenzijdige of verdraaide visies op cultuur en geschiedenis aanmoedigen. Evenzeer die vormen die het bestaan van Israël zoeken uit te dagen,” schreef Bokova in de brief. Een kopie van de brief werd op zondag uitgedeeld door het kantoor van Bennett.

    “Ik ben vastbesloten door te gaan met het werken aan dit doel en de pogingen te verdubbelen om vertrouwen te bouwen op basis van respect en wederzijds begrip. Dit zijn de leidende principes van de organisatie.”

    Bokova merkte op dat Unesco-beslissingen door de lidstaten genomen worden en niet door de directeur of de organisatie zelf. Ze benadrukte dat ze in het verleden bij leden van Unesco aangedrongen had niet de spanningen met Jeruzalem op te voeren.

    Beëindiging samenwerking
    Volgend op de controversiële stemming over de Tempelberg kondigde Bennett aan dat hij samenwerking met Unesco zou beëindigen. Hij zei dat de gang van zaken een ontkenning van geschiedenis was, en dat “terrorisme hierdoor een aanmoediging kreeg.”

    De vorige week aangenomen Unesco-resolutie werd gesteund door verschillende Arabische landen. Hierin werden de Tempelberg en de Westelijke Muur alleen aangeduid met hun moslimnamen, en werd Israël veroordeeld als ‘de bezettende macht’ die op deze plekken onrechtmatig was opgetreden.
    De plaats waar de twee Bijbelse tempels gestaan hebben, is de heiligste plaats in het Jodendom.

    Israëli’s en Joden wereldwijd zien deze stap als het laatste voorbeeld van een ingewortelde anti-Israëlische vooringenomenheid binnen de VN, waar Israël en haar bondgenoten in aantal overtroffen worden door Arabische landen en hun supporters.

    In haar brief refereerde Bokova aan een verklaring die ze uitgaf na de aanvaarding van de Unesco-resolutie over de Tempelberg van 13 oktober. Hierin keurde ze de stemming van de lidstaten af.

    Ze wees er ook op dat ze in het verleden “een appèl gedaan had op het dagelijks bestuur van Unesco om acties te ondernemen die spanningen in de praktijk niet verder doen toenemen en die respect voor de gewijdheid van de heilige plaatsen aanmoedigen.”

    Toewijding aan vrede en dialoog
    Bokova haalde een voorbeeld naar voren waarin Unesco’s toewijding aan vrede en dialoog gebleken was: een internationale VN-tentoonstelling over de geschiedenis van de Joodse banden met het Land van Israël in 2014. De opening van deze tentoonstelling werd een half jaar uitgesteld vanwege druk uit Arabische landen die het hele evenement probeerden van de baan te krijgen.

    De tentoonstelling heette Volk, Boek en Land: De 3500 jarige relatie van het Joodse volk met het Heilige Land. De Israëlische historicus Robert Wistrich bracht de tentoonstelling tot stand voor het Simon Wiesenthal Centrum, in samenwerking met Unesco.

    Oorspronkelijk zou de tentoonstelling op 20 januari 2014 geopend worden, maar door druk van Arabische Unesco afgezanten die suggereerden dat het de Israëlische-Palestijnse vredesbesprekingen zou verstoren, werd het evenement uitgesteld.

    Na hevige kritiek op deze beslissing van Unesco – door onder meer hooggeplaatste Amerikaanse beambten – agendeerde de organisatie de tentoonstelling vervolgens op 11 juni 2014.

    Over de auteur