• - Foto: Fraidzjah
Nieuws

Davids vondst

Fraidzjah - 7 september 2017

Een goede vriend van ons heeft een wijngaard in de bergen van de zuidelijke Negevwoestijn, dicht bij Mitspe Ramon. Door de hoge ligging, de schone lucht en de daardoor optimale zonnestralen zijn de resultaten vertaald in wijn verbluffend.

Zodra we de auto uit rollen ontvangt de fantastische stilte ons en blij rennen David en Jonathan op Eylon af die hier dit weekend zijn verjaardag viert. Een meer bijzondere plek is er bijna niet. Iedereen heeft iets meegenomen voor de feestmaaltijd en we vieren het begin van de Sjabbat naast het kampvuur. De machtige heldere sterrenhemel welft boven ons en ik wijs de jongens de lichte melkweg aan. David houdt het dapper vol totdat hij de felbegeerde taart van zijn moeder als nagerecht heeft gekregen en rolt daarna doodmoe de tent in.

Ook de vroege morgen is weergaloos mooi. Al bij het eerste licht zijn onze boeven wakker en doen hun uiterste best om verder iedereen dan ook maar wakker te maken. De zonnestralen die de hoogste toppen rondom ons heen bereiken verven deze in roze-rood en daarna geel. Om hun hitte voor te zijn maken we abba wakker en klimmen we omhoog een van de bergen op.

David klautert als een berggeit en staat trots als eerste ons op te wachten. Op het hoogste punt staan we even stil. Er is een roe’dzjoem gebouwd van gestapelde stenen. Abba legt David uit dat dit een teken is dat al van oudsher gebruikt wordt om iets aan te geven.

Kinderogen zien dingen waar wij niet op letten. Plotseling bukt David zich en haalt met zijn kleine vingers een voddig kladblokje tussen de stenen vandaan. Terwijl de jongens voorzichtig naar benenden hopsen van steen naar steen bladert mijn man wat in het boekje. “Het is van een officier in opleiding” peinst hij. Veel aantekeningen zijn gemaakt tijdens theorie lessen en er is een lijstje van alle voorafgaande opperbevelhebbers van het Israelische leger. Via deze informatie rekent hij uit dat het aantekeningen boekje zo’n 2 jaar op de berg heeft geleden. Dit gegeven maakt David’s vondst nou niet direct historisch al ziet het er door de sterke zon en dauw wel zo uit.

Ik bedenk dat onze soldaat niet blij zal zijn geweest dat hij zijn aantekeningen verloren had. En dat hij hier in de stille eenzaamheid de roe-dzjoem op zijn stafkaart aantekende en zijn navigatietocht via zijn aantekeningen van de voorbereidingsbijeenkomst vervolgde. Maar misschien had hij hier wel even stil gestaan. En geraakt door de majestueuze hoogten en kleuren even gerust. En gedacht aan de mensen die bij hem hoorden en nu ver weg van hem waren. Zo jong, omtrent 21 jaar, zoveel verantwoording en zware training.

Ik kijk naar beneden waar David zijn hand naar Jonathan uitsteekt en hem de laatste meters van de berghelling afhelpt. Goed zo jongen van me! Hoe lang nog ..? Eigenlijk: hoe kort nog voordat ik mijn jongens moet uitzwaaien aan het begin van hun verplichte driejarige legerperiode. Daar wil ik helemaal niet aan denken en zeker niet op deze prachtige morgen.

De laatste beschreven bladzijde van het kladblokje bestaat uit het Hatikva , het Joodse volkslied. Het ontroert me dat onze officier in opleiding ook dit lied bij zijn aantekeningen voegde. Misschien heeft hij dit lied met de diepe betekenis wel gefluisterd, staande op deze hoogste top van de berg.
Dicht bij de blauwe hemel zal het zeker gehoord zijn.

Over de auteur