Nieuws

Rode Kruis, bedankt!

Joanne Nihom - 8 maart 2018

“Het Rode Kruis heeft niets gedaan voor ons in de oorlog. Noch in Nederland, noch in Auschwitz.” Frieda Menco (92), Joodse overlevende van de Tweede Wereldoorlog, is uiterst kritisch over het Nederlandse Rode Kruis, dat dit jaar zijn 150-jarig bestaan viert. “Als ze het wel hadden gedaan, zou dat een grote hulp zijn geweest om het vol te kunnen houden. We bestonden niet. We waren er niet. Ze gaven helemaal niets om ons.” (op de website van de NOS, 30 oktober 2017).

Afgelopen week vond in Israël een drietal ontmoetingen plaats met oud-Nederlanders en afgevaardigden van het Nederlandse Rode Kruis (NRK) met als onderwerp ‘De houding van het Nederlandse Rode Kruis tijdens de Tweede Wereldoorlog en bij de hulpverlening direct na de bevrijding.’ Namens het NRK waren onder andere aanwezig directeur Gijs de Vries en voorzitter Inge Brakman.

Het pijnlijke verleden van het Nederlandse Rode Kruis tijdens de oorlogsjaren 1940-1945 is de afgelopen vier jaar onderzocht door Regina Grüter van het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD). Ook zij was aanwezig bij de ontmoetingen. Haar onderzoek bevestigt dat toentertijd door het hoofdbestuur van het NRK vrijwel niets is ondernomen om Joodse burgers en gevangenen in de kampen te helpen. De uitkomsten zijn door Grüter verwerkt in het boek Kwesties van leven en dood – Het Nederlandse Rode Kruis in de Tweede Wereldoorlog.

Geacht bestuur van het Nederlands Rode Kruis (NRK),
Geachte mevrouw Brakman, geachte heer De Vries,

Deze week was ik aanwezig bij een ontmoeting tussen u en oud-Nederlanders in Rannana. Het was voor mij een bijzondere en ook ingewikkelde avond. Ik was er, omdat mijn vader, eerste generatie oorlogsslachtoffer, me had gevraagd hem te vergezellen. In eerste instantie boeide het onderwerp me niet erg. Ik ben opgegroeid in de wetenschap dat je in het dorp waar wij vroeger woonden niet naar bepaalde winkels ging, want ‘de eigenaars waren fout geweest in de oorlog’ en ook ‘dat je geen steun gaf aan het Rode Kruis, want dat was eveneens fout geweest.’

Naar het inleidend verhaal van mevrouw Grüter die een verkorte weergave van haar onderzoek gaf, kon ik amper luisteren: mijn tweede generatie syndroom. Wat ze vertelde deed me pijn, het gaf een ongemakkelijk gevoel en ik wist niet goed wat ik er mee moest.

Na haar nam mevrouw Brakman het woord. Namens het NRK bood zij excuses aan voor het gedrag en het niet correct handelen van het NRK, tijdens en na de Tweede Wereldoorlog. Een emotioneel, gevoelig en persoonlijk verhaal. Ik wilde opstaan en reageren. Ik wilde zeggen dat ik het bijzonder vind dat het bestuur van het NRK niet alleen de verantwoordelijkheid heeft genomen het gedrag van het NRK toentertijd onder ogen te zien, maar daar ook daadwerkelijk mee aan de slag is gegaan. Dat terwijl de leden van het bestuur lang na de oorlog zijn geboren.

Ik wilde zeggen dat ik blij was met dit positieve geluid. Maar ik durfde niet op te staan. De pijn van de eerste generatie die ik om me heen voelde, was te sterk. Met excuses kunnen zij weinig. Ze hoorden het aan, klapten wat zachtjes, soms een beetje meer, maar ze waren vooral heel stil. Hun verdriet, hun verlies is te groot, nog te vers, ook al is het meer dan zeventig jaar geleden. Uit respect voor die eerste generatie ben ik niet opgestaan.

Daarom op deze manier een ‘dank u wel’. Dank voor uw moed en wijsheid en voor het erkennen van fouten, ook al bent u er zelf niet verantwoordelijk voor geweest. Maar vooral dank voor de lessen die u eruit heeft getrokken en die u mee geeft aan nieuwe NRK mensen en iedereen die in de toekomst met het NRK te maken krijgt.

Het inzien van fouten, het erkennen van fouten, maakt mijns inziens niet alleen de weg vrij voor een betere toekomst, maar is ook de enige manier voor een beter morgen.

In het Beth Hatfutsot museum in Ramat Aviv staat geschreven op een van de muren:

“Remember the past, live the present and trust the future.”

Na gisterenavond voelt die toekomst weer iets beter.

Met warme groet, Joanne Nihom

Over de auteur