fbpx
  • Israëlnieuws via Whatsapp

  • Nieuws

    De andere kant

    Fraidzjah - 18 mei 2018

    De telefoon van mijn man gaat over en toevallig zie ik staan wie er belt: ‘Mohammad Ramen’. Na hun kort gesprek lach ik dat ik niet wist dat hij zo’n toepasselijke achternaam had.. Verlegen grinnikt manlief dat dit toch wel een hele goede is voor hem.

    De ramen van Mohammad in ons nieuwe huis.

    Een paar dagen later komt onze ramenman uit Hebron zijn werk afleveren bij het nieuwe huis dat we bouwen. In één woord: vakwerk. Binnen een half uur zitten alle dunne kozijnen in de raamopeningen en laat hij zien hoe de binnenramen gemonteerd moeten worden. Opgelucht zie ik dat de blauwe kleur die we uitgekozen hadden ook in het daglicht naar onze smaak is. ’t Blijft toch lastig kiezen van zo’n kleurenwaaier.

    Later worden vriendschappelijkheden als ook geld uitgewisseld met Hollandse koffie. We blijken samen een gedeelde zeer goede vriend te hebben, Omer, waar Mohammad al 20 jaar geleden ramen voor heeft gemaakt. Met warme woorden omschrijft hij hun belevenissen. Hoe een Arabier en een Jood elkaar tot hulp zijn.

    “Hij zou het voor me gaan regelen. Het voelde als een regenbui in de hete zomer.”

    “Een Paar jaar geleden deed deed een neef van me iets doms,” begon hij. “Hij gaf in een gekke bui een Israëlische soldaat bij de controlepost bij de grens een klap. Hij was gefrustreerd over het lange wachten, ik weet het niet, maar het was gelijk over en uit. Onmiddelijk werd van heel onze familie, en die is groot, alle toestemmingen om in de Israëlische gebieden te werken, ingetrokken. Van iedereen, door zijn schuld.”

    “Ik zat zo diep in de put en werd moedeloos. Wat moest ik hier toch aan doen. Tot een bedoeïense vriend me zo een keer aantrof. Hij noemde me een sufferd en zei me dat ik de beste vriend heb die hem hier mee zou kunnen helpen en vroeg me waarom ik hier niet aan gedacht had. Maar natuurlijk, Omer! Ik belde hem direct en ik moest het hele verhaal doen in alle details. Hij zou het voor me gaan regelen. Het voelde als een regenbui in de hete zomer. Ik verzeker jullie, deze man heeft een hart van goud!”

    De controlepost belde me dat ik om 10.00 de volgende dag me moest melden. Ik kreeg koffie, en wachtte. Men vroeg me verbaasd hoe ik Omer kende en wat onze relatie was. Zo kon ik zeggen dat ik al tientallen jaren in Israël bij vele gezinnen deuren en ramen ontwerp en aflever en goede vrienden tijdens jullie Pesachfeest ook bij mijn gezin voor een feestelijke maaltijd kwamen.”

    “Na wat computerwerk werd beperking van grensovergang van mijn visa ingetrokken! Maar ik wist; nu of nooit. Ik bleef zitten en vertelde dat mijn hele familie voor hun inkomen afhankelijk is van al ons werk in Israël. En dat zij niet schuldig zijn aan een domme neef in een gekke bui. Laat hij er zelf voor boeten, niet wij. Ik belde in de gang opnieuw Omer en na lang wachten hoorde ik dat alle beperkingen ingetrokken waren! Wat een respect heb ik voor hem. Dat hij dit voor ons heeft gedaan vergeet ik niet, al lig ik in het graf, dat verzeker ik jullie.”

    “En ik maar wachten op de goede gelegenheid om een grote feestmaaltijd voor Omer en zijn familie aan te richten. De geit had ik al gekocht. Toen belde hij mij op een middag en na uitgebreid en hartelijk geïnformeerd te hebben naar ons aller welstand zei hij dat hij mijn hulp nodig had. Al zou ik de maan voor hem in scheefstand moeten zetten, ik zou het proberen!”

    “Wat was er aan de hand: De auto van de verloofde van zijn dochter was gestolen. In Israël maar zeer waarschijnlijk direct naar de Arabische gebieden gereden waar Omer er niet meer achter aan kon. Of ik iets kon doen? Geen probleem, dit ging ik regelen. Moeten jullie begrijpen, onze familie is groot, heel groot. Een duidelijk telefoontje met de herinnering aan de man die ons dit respect had getoond en de bal ging rollen.”

    “Van dorp tot stad. Ieder lid van onze familie keek uit naar een rode Volkswagen. Het Israëlische kenteken was er zonder twijfel al afgehaald, maar dat was voor ons geen probleem. Onze kinderen holden naar de markt, de jonge mannen stonden alert in de ingangswegen en de vrouwen keken in de straten en bij de winkels. Dit was onze gelegenheid om onze dank te betuigen. Nog voor het donker was hadden we hem.”

    “Een neef tikte op het raampje: ‘Salaam, deze auto moet ik hebben.’ ‘Ja maar ik heb hem net voor 5.000 shekel gekocht!”Dan heb jij hier 5.000 shekel van me. Goede avond.’ En om vijf uur de volgende ochtend kon ik de rode Volkswagen met groot genoegen bij de grenspost afleveren. Ik vergeet de dankbaarheid en het respect van Omer mijn leven niet. Hij is met heel zijn familie voor altijd in ons hart.”

    Zo zat Mohammad daar met zijn innemende, doorleefde gezicht onder de boom in onze tuin en liet ons met zijn mobiel trots zijn jongste kleindochter zien. Een schatje met prachtige donkere ogen. “U bent opa!” vroeg ik verrast waarop hij schaterlachte: “Opa? Al 40 keer! Ik heb er een dagtaak aan om hen allemaal te onderhouden!”

    Waar dit weer mogelijk is door wederzijds respect en vriendschap. En het gaat nog veel, veel mooier worden.

    NB. In verband met de veiligheid zijn de namen gefingeerd.

    Over de auteur