fbpx
  • Muurschildering van de steniging van Stephanus. - Foto: Petra van der Zande
  • Israëlnieuws via Whatsapp

  • Nieuws

    Gamaliël, Stephanus, Nicodemus en Beit Jamal

    Petra van der Zande - 17 september 2018

    “Ik [Paulus] ben een Joodse man, geboren te Tarsus in Cilicië, maar opgevoed in deze stad en aan de voeten van Gamaliël…” Handelingen 22:3

    Beit Jamal, ook wel Beit (huis) van Gemal of Jimal genoemd, ligt in de heuvels van Judea, iets ten zuiden van Beit Shemesh. Het klooster wordt geleid door Salesianen monniken. De plaats is geïdentificeerd met de Byzantijnse stad
    Caphargamala of Kfar Gamla, genoemd naar Rabban Gamliel (Gamaliël) 1, de leider van het Sanhedrin. Volgens de traditie ligt hier niet alleen Gamaliël begraven, maar ook Stephanus, Nicodemus en Gamaliëls zoon Abibos.

    Tijdens het Ottomaanse rijk was Beit Jamal een Arabisch dorpje. In 1869 kocht Fr. Antonio Belloni de grond en liet op de heuvel een indrukwekkend klooster bouwen. In 1873 opende hij een agrarische school voor o.a. weesjongens en werd er acht jaar later ook nog een Latijns klooster bijgebouwd. Nadat Pater Belloni was toegetreden tot de Salesianen, werd het bezit door de orde van Don Bosco uit Turijn overgenomen. Honderden jongens ontvingen uitstekend onderwijs in Beit Jamal.

    Tijdens de uitbreiding van de kloostertuin in 1916, stuitten de monniken op mozaïeken en resten van een kleine kerk die minstens 1500 jaar oud was. Deze 5e-eeuwse kerk was in 614 AD verwoest tijdens de Perzische invasie. Archeologen legden het verband tussen het Arabische dorp Kfar Gamla (Beit Jamal) en het in Byzantijnse geschriften genoemde, gelijkklinkende “Caphargamala”. Men concludeerde dat de graftombe de mogelijke begraafplaats van Stephanus was, omdat de grot op het grondgebied lag van Rabbi Gamaliël – (Caphargamala in het Grieks).

    De eeuwenoude mozaïeken uit de oorspronkelijke kerk.

    Tijdens het Britse Mandaat werd binnen de muren van het kloostercomplex in 1919 een meteorologisch station opgericht. Israëls oudste weerstation verstrekt nog steeds wind-, temperatuur- en neerslagdata aan Israëlische meteorologen.

    Het oudste weerstation van Israël.

    De Stephanus kerk werd in 1930 gebouwd op de ruïnes van de 5e-eeuwse Byzantijnse kerk. De originele mozaïeken hangen nu aan de buitenmuur, terwijl het de binnenmuren prachtig geschilderd mozaïek bevatten. Daarboven vertellen levensgrote muurschilderingen het verhaal van Stephanus.

    Het interieur van de Stephanuskerk.

    Tijdens de Onafhankelijkheidsoorlog werd Beit Jamal in 1948 door Egyptische troepen bezet maar door de Har’El Brigade verdreven en kon het klooster weer normaal functioneren. Tegenwoordige heeft Beit Jamal twee kloosters – een voor vrouwen en een voor mannen. De omliggende landbouwvelden produceren nog steeds honing, olijfolie en wijn. Vlakbij de hoofdpoort staan nog oude instrumenten en installaties die vroeger gebruikt werden voor de olijfolieproductie.

    Een put en olijfpers op de binnenplaats.

    Op zaterdagen en feestdagen is het een drukte van belang op de slingerende kloosterweg als Israëlische families en-masse in de velden gaan picknicken. Binnen de muren van het vredige klooster, gebouwd op land dat eens Gamaliël toebehoorde, vertelt een vriendelijke Salesianenmonnik de bezoekers het verhaal van Nicodemus, de Farizeeër die ’s nachts naar Jezus kwam.
    En natuurlijk over de eerste Joods-Messiaanse martelaar, Stephanus, die gedood werd omdat hij in de Naam van de eniggeboren Zoon van God geloofde.

    Over de auteur