fbpx
  • - Beeld - Elena Kotliarker
  • Israëlnieuws via Whatsapp

  • Nieuws

    Joodse mystiek – deel 3

    Rabbijn mr. drs. R. Evers - 22 mei 2019

    De Joodse mystiek zoekt een dieper verstaan van Gods Woord om in een hechtere relatie tot des Schepper te leven. Mystiek kent – zoals de naam al impliceert – mysterieuze kanten die ook weerstand en vooroordelen kunnen oproepen. Rabbijn Raphael Evers geeft in dit vierluik een introductie op de Joodse mystiek – de Kabbala. In deel 3: hoe G’ds licht uiteindelijk uitstroomt in de schepping.

    In deel 2 beschreef ik de ’emotionele sefirot’. In het kabbalistische menselijke lichaam correspondeert de eigenschap Tiferet, de waarheid en de perfecte balans tussen gestrengheid en de liefde, met het hart. Het verheven G’ddelijke licht dringt langzamerhand door tot de lagere werelden en moet zijn weg vinden tot de meest materiële en G’dsverduisterende niveaus van bestaan. Dit hoge G’ddelijke licht zelf kunnen wij niet bevatten of zien. Vanaf het moment, dat Adam en Eva uit het Paradijs werden verdreven, zijn wij mensen niet meer in staat om dit G’ddelijke licht simpelweg te aanschouwen. Het G’ddelijke licht moest gedoseerd en aangepast worden aan onze aardse wijze van begrijpen en verstaan. Hiervoor moesten vele hindernissen en obstakels overwonnen worden. Het G’ddelijke licht raakt door de afdaling naar deze wereld minder intens en wordt door alle filters die het moet passeren minder sterk.

    “En dat is het uiteindelijke doel van de Schepping: G’ds Koninkrijk op aarde vestigen.”

    Netsach en Hod

    In de rangschikking van de sefirot vinden we onder deze emotionele sefirot vervolgens Netsach en Hod. Netsach betekent naast eeuwigheid ook overwinning. Hod betekent pracht maar is in de menselijke sfeer het continu bedanken van G’d voor alle weldaden die Hij ons bewijst. Mozes is de personificatie van Netsach. Hij moest vele problemen – ook persoonlijke – overwinnen om voor eeuwig Mozes onze Leraar te worden en te blijven. Aäron was de personificatie van Hod. Hij kreeg het priesterschap (Kehoena) om Hasjeem voor eeuwig te kunnen bedanken.

    In het menselijke lichaam worden de sefirot Netsach, overwinning en eeuwigheid, en Hod, pracht en dankbaarheid gesymboliseerd door de twee nieren die samen het begin van het onderlichaam zijn. Beide vormen zij het fundament van het lichaam. De geestelijke tegenhanger hiervan is het geloof, dat de basis van het menselijke bestaan vormt.

    Lag Ba’omer

    Een belangrijke mystieke feestdag in het Jodendom is Lag Ba’omer, de 33e dag van de omertelling, het tellen van de 49 dagen tussen Pesach (Pasen) en Sjawoe’ot (het Wekenfeest, Pinksteren). Deze dag was ook de sterfdag van de grote Kabbalist Rabbi Shimon Bar Jochai. Tijdens de Omertelling proberen we iedere dag een ‘kanaal’ of ‘instrument’ (sefira) van kedoesja (heiligheid) als het ware te reinigen. Dat gebeurde 3332 jaar geleden na de Uittocht uit Egypte (Pesach) en voor de Wetgeving op de berg Sinai (Sjawoe’ot) ook. Het volk Israël was tot de 49e graad van onreinheid gezonken in Egypte en moesten tot de 49e graad van heiligheid stijgen. Van een slavenvolk werden we een volk van het Boek.

    Op deze 33e dag van de Omertelling, Lag Ba’omer staat het pure Hod centraal. Hod in zijn meer pure en essentiële vorm symboliseert onze diepe dankbaarheid aan G’d. Op dat niveau gaat er nogal eens wat fout. Op de 33e Omerdag, proberen we dit mensaspect te rectificeren. Dankbaarheid is een van de meest fundamentele eigenschappen van het Jodendom. Het woord Jehoedi (Jood) komt van de stam Hod. Daarom is dit een uitbundige feestdag en een moment waarbij wij stilstaan.

    Jesod, de negende Sefira

    Jesod is de ideale combinatie van Netsach en Hod, overwinning van alle obstakels en dankzegging voor al het goede wat we gedurende ons leven ontvangen. In het menselijke lichaam wordt Jesod gesymboliseerd door het mannelijke geslachtsdeel. De G’ddelijke overvloed stroomt uiteindelijk in Jesod, de basis die deze weer verder begeleidt tot Malchoet (koningschap), de realiteit van deze materiële wereld.

    Jesod is de basis van alles en is ook verbonden met de eerste mitswa (gebod) uit de Thora: kinderen op deze wereld zetten. Jozef was de belichaming van deze negende sefira. Hij kon zijn seksuele driften totaal beheersen. Jozef weerstond de verleidingen van zijn bazin, Sulaika, de vrouw van Potifar, en heeft hiermee zichzelf waar gemaakt. Jesod is de gevende, verder geleidende Sefira en heet actief, terwijl de volgende Sefira, Malchoet (koningschap) passief en ontvangend is. De vloed energie vanuit Hasjeem belandt uiteindelijk in het aardse Universum.

    Koningschap

    Malchoet is de uiteindelijke ontvanger van al het G’ddelijke goeds. Malchoet is de sefira van koning David, die – zoals de maan – af en toe aangroeit en af en toe totaal verdwenen lijkt, en weer terugkeert. In de tijd van de Messias keert David’s koninkrijk weer terug. De Davidische dynastie brengt het Koninkrijk G’ds terug op aarde. En dat is het uiteindelijke doel van de Schepping: G’ds Koninkrijk op aarde vestigen.

    Malchoet is verbonden met Sjabbat, wanneer G’ds glorie meer zichtbaar wordt op aarde. De G’ddelijke overvloed bereikt zijn bestemming. En wordt omgezet in materie. De aarde wordt veranderd in een Heiligdom in deze wereld. Uiteindelijk wordt deze hele wereld een Heiligdom wanneer iedereen G’d overal op de wereld kan ‘zien’.

    » Morgen volgt deel 4 van dit vierluik. Lees ook deel 1 en deel 2.

    Over de auteur