fbpx
  • Israëlnieuws via Whatsapp

  • Nieuws

    Religie op vakantie

    Rabbijn mr. drs. R. Evers - 18 juli 2019

    De poorten van de Hemel gaan regelmatig open, op individuele basis voor allen van ons op bepaalde momenten in ons leven maar ook op nationaal niveau. Voor het Joodse volk vond de eerste grote Openbaring plaats bij de Uittocht uit Egypte. Dit gebeurde 3331 jaar geleden bij de Exodus. Maar daar bleef het niet bij. G’d openbaart zich regelmatig. Als men het zoekt iedere dag, En overal, zelfs op vakantie.

    Het is als een ‘wave’ die door de menselijke geschiedenis waart. Er zijn pieken en dalen, perioden van Openbaring en perioden waarin weinig gebeurt. Op bepaalde momenten werden de poorten van de Hemel geopend. Daarbij kwam bijvoorbeeld tijdens de achttiende eeuw een overvloed aan spiritualiteit naar beneden, die in de Joodse en niet-Joodse wereld tot uitdrukking kwam.

    De schrijver Matityahu Glazersohn wijst ons op een opmerkelijke samenloop. De klassieke muziek bereikte een hoogtepunt gedurende dezelfde periode waarin het chassidisme ontstond:
    • De Ba’al Sjem Tov (Rabbi Jisra’eel), de grondlegger van de chassidische beweging, leefde in dezelfde tijd als Johann Sebastian Bach;
    • de Ba’al HaTanja (Rabbi Sjne’oer Zalman van Liadi, grondlegger van Chabad) leefde in dezelfde tijd als Mozart en Beethoven; en
    • Rabbi Nachman van Breslau was tijdgenoot van Franz Schubert.

    Psalmen

    Bij de woorden ‘gezang en poëzie’ gaan onze gedachten onwillekeurig terug naar de Psalmen van Koning David. Koning David wordt de ne’iem zemirot genoemd, de aangename poetische componist: “Mogen de woorden van mijn mond en de overleggingen van mijn hart U welgevallig zijn, o G’d, mijn Rots en mijn Verlosser” (Psalm 19:15). Hier staat aangeduid, dat Koning David iets groots verzocht van G’d.

    “Zeldzamer zijn echter de individuen, die G’ds lof blijven zingen, ook wanneer zij vallen, geslagen en getrapt worden.”

    Reinigende werking

    Volgens de Midrasj (achtergrondverklaring) verzocht Koning David G’d met deze woorden dat zijn Tehilliem (Psalmen) geaccepteerd zouden worden als reinigende woorden van de Thora en bestudeerd en overdacht zouden worden als de moeilijke voorschriften van rituele reinheid. Deze voorschriften zijn zeer gecompliceerd.

    David wilde dat G’d zijn Psalmen hoger dan alleen maar gewijde poëzie zou waarderen. Zij zouden een intens verheffende invloed moeten uitoefenen op onze ziel. Deze spirituele reiniging hebben wij regelmatig nodig omdat de geestelijke vervuiling en spirituele verontreiniging ons doof en blind maken voor het G’ddelijke in de wereld.

    Vakantie kan verlossing zijn

    Juist tijdens de vakantie moeten wij ons proberen open te stellen voor het Hogere in de wereld omdat ons dat vaak niet lukt tijdens de drukte van het werk. Spiritueel raken wij totaal vervuild in ons dagelijkse, moderne leven. Laat Davids Psalmen ons reinigen. Onderga de invloed van onze gewijde literatuur. Beleef dit mee individueel of in de groep.

    Zoals een auto regelmatig grote en kleine onderhoudsbeurten nodig heeft, heeft onze ziel ook vaak een kick nodig om weer boven Jan te komen. De behoeften van onze G’ddelijke ziel raken helaas maar al te vaak ondergesneeuwd onder een dikke laag van materieel streven naar steeds meer en steeds mooier. Het had zo veel beter en mooier kunnen zijn als we maar wat meer aandacht zouden hebben voor ons G’ddelijk deel.

    Materiële realiteit ontstijgen

    Het poetische en muzikale aspect van Tehilliem (Psalmen) toont, dat de religieuze mens de aardse materiële realiteit kan ontstijgen. Poezie en muziek zijn etherisch, uiterst subtiel en staan ver verheven boven het alledaagse. Het woord zemirot, gezangen, heeft stamverwantschap met het woord zimra (gezang). Het woord zimra is weer verwant aan zemira (snoeien). Om gezond te blijven moet men ook spiritueel durven snoeien.

    Zemira symboliseert het zuiverende effect, dat poezie, zang en muziek op de ziel hebben. De levenskracht van een boom wordt weggezogen door zieke takken. Hetzelfde geldt voor geestelijk ontwikkeling. Een slechte moraal doet de ziel rotten. Wellust, jaloezie en hebzucht verspillen veel spirituele energie. Koning David wilde, dat Tehilliem (Psalmen) deze snoeiende eigenschap zouden hebben: om de mens in staat te stellen af te rekenen met zijn laagste driften.

    Verzet tegen het dierlijke

    Matityhu Glazersohn stelt, dat zemer (lied) een krachtig instrument is om ons te weer te stellen tegen onze dierlijke natuur. De Thora gebiedt ons om voor het goede in de wereld te kiezen, om alles dienstbaar te maken aan het leven en de beracha, zegen. Dit wordt ook in Dewariem (Deuteronomium) 30:19 vermeld: “Ik heb voor jou het leven en de dood, de zegen of de vloek gelegd … Kies het leven, zodat jij en je nakomelingen zullen leven.”

    Stroom en hint

    Volgens Glazersohn heeft het woord zemer (lied) dezelfde letters als het woord zerem (stroom) en remez (hint). Muziek zendt als het ware stroom door het lichaam, motiveert ons te handelen en onszelf te verbeteren door zelfanalyse en zelfcorrectie.

    Poezie en muziek hinten, dat er iets verborgen gaat achter het zichtbare universum. In het Hebreeuws hebben woorden die gerelateerd zijn aan muziek vaak een diepzinnige achtergrond. Men moet alleen de ogen en oren openen, want de antwoorden liggen er al, zelfs voordat de vragen werden gesteld.

    Zingen

    Zingen is uitermate belangrijk bij een simcha (vreugdemoment). Zingen is een uiting van extatische vreugde. Het Joodse Paasfeest Pesach begint met de Seideravond wanneer wij de Exodus uit Egypte herbeleven met de matzes en de vier bekers wijn. Seideravond is zo’n vreugdemoment. Wij werden bevrijd uit Egypte. Egypte is in het Hebreeuws Mitsrajim. Mitsrajim betekent ‘beperkingen’. De Uittocht uit Egypte staat model voor ieder moment van inzicht en beleving waarop wij onze aardse beperkingen verlaten en ontstijgen. Seideravond kent zijn eigen Psalmen en melodieen, die stemmingsbepalend zijn.

    Halleel op Seideravond als voorbeeld

    Op Seideravond zingen we – vaak ook nog eens in de synagoge – het lofgebed Halleel. Het Halleel (lofprijzen), dat bestaat uit de psalmen 113, 114, 115, 116, 117 en 118 kent aparte melodieën voor de verschillende feestdagen en wordt tijdens de Seideravond op Pesach (joods Pasen) ook nog in huiselijke kring gezongen, waarbij ook psalm 136 door de hele familie op de speciale Pesachmelodie van begin tot eind als een bevrijdingslied ten gehore wordt gebracht. Tot diep in de nacht herbeleven wij en vieren we onze bevrijding.

    Maar deze bevrijdende momenten kunnen wij op ieder openbarend moment beleven. De Uittocht uit Egypte (lees: onze beperkingen) staat hier model voor.

    Deze bevrijdende momenten doen zich met name tijdens de vakantie van de religieuze mens voor wanneer de mens uit zijn dagelijkse sleur los komt en weer geconfronteerd wordt met de schoonheid van G’ds Schepping.

    Continu gevecht

    Rabbi Chaim Luzzatto (1707-1746) stelt, dat ‘G’d ieder mens in een soort oorlogssituatie plaatst omdat alles in deze wereld, goed en kwaad, een beproeving voor de mens vormt. Rijkdom, armoede, voorspoed en lijden bepalen de contouren van het slagveld. Wanneer hij juist weet om te gaan met alle situaties, wordt hij een Adam Sjaleem een perfect mens’.

    Rabbi Bachja ibn Pakoeda (elfde eeuw) verhaalt van een man die soldaten op weg terug van het slagveld begroet. Hij sprak hen toe, dat zij ‘van een kleine schermutseling terugkeerden naar de grote oorlog: de eeuwige strijd van de mens tegen zijn lagere driften, menselijke zwakheden en immorele neigingen’.

    Psalmen temidden van de turbulentie van het dagelijkse leven
    Het is deze strijd, die koning David bezongen heeft in zijn Psalmen, die ook op de uitermate verlossende Seideravond worden voorgedragen.

    Davids liederen zijn niet geschreven als memoires uit een ver verleden, waarvan de auteur reeds afstand nam. Het Psalmenboek werd geschreven temidden van de turbulentie van de maatschappij, vormt een verslag van het gevecht aan het front van de strijd tussen goed en kwaad, intrapsychisch bovenal maar tevens hoe David zijn familiaire en sociale problemen hanteerde en ontsteeg.

    Een schreeuw om perfectie

    Tehilliem (Psalmen) is eigenlijk geen poëzie. Het is roep om hulp, een pleidooi en verzoek om volledigheid, een cri de coeur naar integriteit en perfectie.

    Bij voorspoed en geluk is extase relatief gemakkelijk. Vervoering en verrukking zijn het natuurlijke gevolg van het aanschouwen van G’ds ingrepen in de wereldgeschiedenis. Zeldzamer zijn echter de individuen, die G’ds lof blijven zingen, ook wanneer zij vallen, geslagen en getrapt worden. Dat was de kracht van koning David. Want zelfs deze G’dsman werd uit zijn familie verbannen en uit zijn gemeenschap geexcommuniceerd totdat G’d Zelf hem erkende als Zijn zanger.

    Over de auteur