fbpx
  • De Hagada wordt jaarlijks aan het begin van Pesach tijdens de sederavond gelezen om het volk te herinneren aan de exodus uit Egypte. - Foto: Flash90
  • Israëlnieuws via Whatsapp

  • Nieuws

    Een eenzame Seder, maar niet alleen

    8 april 2020

    Rabbijn Shmuel Katz leidt in Nederland het werk van Zikna, een Joodse organisatie. Wij ontvingen zijn Pesachboodschap aan de vrienden van Zikna per mail en willen deze graag met u delen.

    De afgelopen weken waren heftige weken. Ikzelf lag tien dagen met het coronavirus in het ziekenhuis waarvan vijf dagen op de Intensive Care. Dankzij gebeden en hulp van de Allerhoogste ben ik weer thuis en sterk nu aan. Ik ben dankbaar voor alle steunbetuigingen die ik mocht ontvangen.

    Ik schreef bijgaand stukje ter gelegenheid van de Seder, de eeuwenoude ceremonie met Pesach, het Joodse Pasen. Deze ceremonie wordt vooral in familiekring beleefd. Dit jaar niet, velen zullen alleen zitten, een daarvan is mijn vader die mijn grote voorbeeld en leraar is. Dit artikel gaat over hem.

    De avond wordt de Sederavond genoemd. Seder is het Hebreeuwse woord voor ‘orde’. De Pesachceremonie kent aan het begin twee stukjes de eerste is halach ma-anja de tweede ma nisjtana. Ik geef eerst deze twee stukjes weer en daarna volgt het artikel.

    Moge deze verschrikkelijke plaag spoedig over zijn. Wij allen bidden G’d om medelijden en vooral genezing voor alle zieken.

    Halach ma anya

    Dit is het brood van anya (verdrukking)
    dat onze voorvaderen aten in het land Egypte.
    Eenieder die honger heeft zal komen eten,
    eenieder die behoeftig is zal Pesach mee komen vieren.

    Nu zijn wij hier, volgend jaar in het land Israël;
    dit jaar zijn wij slaven, volgend jaar vrije mensen.

    Ma nisjtana

    Ma nisjtana halaila haze
    mikol haleilot, mikol haleilot
    Sjeb’gol haleilot anoe oglim
    chameets oe matza (2x)
    Halaila haze halaila haze
    koelo matza (2x)
    Sjeb’gol haleilot anoe oglim
    sj’ar jerakot (2x)
    Halaila haze halaila haze
    maror (2x)
    Sjeb’gol haleilot ein anoe
    matbilin afiloe pa’am agat
    Halaila haze halaila haze
    sjtei p’amim (2x)
    Sjeb’gol haleilot anoe oglim
    bein josjvin oevein mesoebin
    Halaila haze halaila haze
    koelanoe mesoebin (2x)
    Wat maakt deze avond anders
    dan andere avonden?
    Op alle andere avonden eten we
    gegist brood en matse (2x)
    Op deze avond
    alleen matse (2x)
    Op alle andere avonden eten we
    allerlei soorten groenten (2x)
    Op deze avond
    allen bittere kruiden (2x)
    Op alle andere avonden dopen we
    de kruiden zelfs niet eenmaal
    Op deze avond
    tweemaal (2x)
    Op alle andere avonden eten we
    rechtop zittend of gebogen
    Op deze avond
    zitten we allemaal gebogen (2x)

    Vanavond hing ik aan de telefoon met mijn bejaarde vader in Jeroejsalajim. Dit jaar zal hij voor het eerst alleen aan de seider zitten. Naar mijn zusje gaan is niet verstandig. Als kind vierde hij de seider samen met zijn eigen ouders. Eenmaal zat hij aan bij de seider in het kinderhuis in Utrecht. Tijdens de onderduik was hij immers drie keer samen over Pesach met zijn pleegouders. Na de oorlog waren er altijd heel veel gasten met Pesach. En nu?

    Ik probeer me in te leven wat het moet betekenen om drie nieuwe generaties te hebben voortgebracht en dan toch alleen te zitten. En tijdens het telefoongesprek bewonderde ik mijn vader om zijn veerkracht, die hij misschien juist dankzij die 26 maanden onderduik heeft, dacht ik. Die bewondering nam mijn gedachten mee naar het halach ma anja dat we allemaal woensdagavond zullen zeggen.

    We zullen daar weer zeggen: Eenieder die honger heeft zal komen eten, eenieder die behoeftig is zal Pesach mee komen vieren. Zullen die woorden niet bizar klinken. Daar in je eentje zittend, wetend dat er echt niemand kan komen. En zelfs als die al komt dat je die persoon niet eens binnen kunt laten? Op het eerste gezicht wel. Maar misschien gaat er juist van die woorden een ongelofelijke boodschap uit.

    De kabbalisten leren ons dat matsa niet zomaar matsa is. Het wordt genoemd maachal de-aswesa, ‘eten van genezing’. Wat zij ons leren, is dat ergens diep in de vezels van dat stuk matse een diepe, sterke spirituele kracht zit die ons met Hashem verbindt. Alles wat we in de hagada en de Seder aantreffen, focust op dat ene moment waarop we die matse eten, doorslikken en daarna langzaam laten opnemen door ons lichaam.

    Lezen we de hagada als een krant of een verplicht nummer, dan wordt hem dat niet, maar als we ons geven aan de hagada, dan gaat die ene, unieke kabalistische matsa-ervaring niet aan ons voorbij. Misschien is dat dit jaar de boodschap van halach ma anja. Het is dit jaar niet gericht op die arme jid die buiten staat zonder Seider, maar op ons binnen. Het is een boodschap voor die eenzame jid die alleen aan de seider zit. Vertwijfeld, steeds naar de klok kijkend, totaal alleen, ietwat hulpeloos.

    Dan schreeuwt de Seder: nee daar ben ik niet voor! Kom, neem deel aan de Seder, ook voor jou is deze avond gemaakt. Laat dat allenige gevoel weg, dat hoort niet aan jouw tafel vanavond. Ook vanavond kan deze Seder betekenisvol zijn.

    Op deze eenzame Sederavond krijgt het woord ‘Seder’ namelijk een extreme betekenis. ‘Seder’ betekent ‘volgorde’. Blijkbaar zit het geheim van deze avond verborgen achter dit ene woordje: seder, volgorde. In die aaneengeregen verzameling stukjes, gebruiken en glazen wijn gaat een geheim schuil. Vanavond ben jij – sociaal en spiritueel arm en behoeftig – hiervoor uitgenodigd. Geef niet op, begin gewoon, het zal goed komen.

    Is het niet ongelofelijk wat datzelfde halach ma anja daarna belooft. Inderdaad van het jaar zijn we hier alleen, bijna gedwongen zoals een slaaf, maar volgend jaar zal het coronavirus achter ons zijn en zullen we de Seder weer kunnen vieren, daar of hier, in vrede geluk en vrijheid.

    En de auteur van de hagada heeft nog een verrassing in petto. Hij neemt ons mee. Nu zit je alleen aan de Seder en er is niemand anders en het moment voor ma nisjtana is toch aangebroken. Er is niemand om te vragen! Dan zegt de Sjoelchan Aroech (473:7): dan moet je jezelf die vragen stellen! Wat heeft dat voor nut? Ik moet mezelf iets vragen. Weet ik het antwoord, dan hoef ik toch niet te vragen? En als ik het niet weet, dan is het toch zinloos?

    Dit is de verrassing: neem afstand van jezelf. Kijk naar wat er staat. Ook al zit je alleen aan tafel dan moet je je realiseren dat deze avond alles anders is. Alles is anders omdat jij ook anders bent. Jij zit nu aan de Seder, misschien alleen, maar nog steeds kun je je verplaatsen naar die betoverende wereld die hier door deze vier simpele vragen worden neergezet.

    De vier vragen die eindigen met de woorden koelanoe mesoebien, wij zitten allemaal aangeleund. Niet gewoon rechtop, maar een beetje achterover, relaxt, om toch vooral de avond tot ons te nemen. Maar ook allemaal! Inderdaad ik zit hier alleen, maar ik weet dat samen met mij het gehele Joodse volk relaxt aanzit, waar ook ter wereld. Die twee op transcendentie wijzende woorden, daar gaat het om.

    Inmiddels is het bijna twaalf uur als ik dit schrijf, tijd om de computer uit te zetten. Mijn gedachten gaan nog eenmaal naar mijn vader. Het is lang geleden dat ik het voorrecht had bij hem Seder te vieren. Maar ik zie hem nu toch voor mij zittend aan de Seder. Mijn vader die met zijn Seder de traditie doorgaf. De traditie van zijn vader, mijn opa, chazan in een klein stadje vlak bij Frankfurt. Een traditie die ik doorgeef als ik met mijn kleinkinderen de Seder vier. Een traditie die dus vijf generaties verenigt en ik denk: Lieve papa fysiek zul je daar dit jaar misschien alleen zitten, maar spiritueel zingen al die achterkleinkinderen vanavond samen jouw ma nisjtana.

    Papa, blijf heel lang en gezond samen met mama (die helaas niet kan aanzitten) je bent er gewoon!

    Chag sameach, vreugdevolle feestdagen!

    Thema

    Over de auteur