fbpx
  • koosjer of niet
  • Israëlnieuws via Whatsapp

  • Nieuws

    Koosjer of niet? – deel 3

    Rabbijn mr. drs. R. Evers - 2 april 2020

    In deel 2 eindigden we met het verbod op het eten van insecten, wormen en parasieten. Vooral in de Rabbijnse literatuur van de laatste eeuwen krijgt het verbod op insecten een hoge prioriteit. Sommigen raden zelfs aan om groenten als sla in het geheel te laten staan!

    Men is bang dat men de groenten vanwege de vrij tijdrovende procedure niet goed schoonmaakt en onder­zoekt. Opmerkelijk is het feit dat vooral in de laatste decennia het aantal ‘verdachte’ groenten- en fruitsoorten dat onderzocht moet worden, sterk is toegenomen. Dit terwijl juist in deze eeuw gebruikt wordt gemaakt van allerlei pesticiden. Desalniettemin geven allerlei boeken over het verbod van insecten lange lijsten met groenten en fruitsoorten, die men moet controleren.

    Ter verdediging van deze strengere normen voeren de rabbijnen aan dat het gebruik van pesticiden de laatste jaren sterk is afgenomen, vanwege de schadelijkheid voor de volksgezondheid en het milieu. Bovendien zouden allerlei insecten resistent tegen pesticiden zijn geworden. Er zijn nieuwe soorten die zeer moeilijk te verwijderen zijn. Een voorbeeld hiervan is een diertje dat niet op het blad, maar in het blad zit. Het graaft kleine kanaaltjes en eet de groente van binnenuit op. Afspoe­len helpt in zo’n geval niet.

    “De gecompliceerde spijswetten zorgen ervoor dat de voedselproductie in principe niet aan leken overgelaten kan worden.”

    In Gush Katif, de voormalige Joodse nederzettingen in Gaza, en inmiddels ook op vele andere plaatsen, is men erin geslaagd om allerlei groenten te kweken zonder insecten. Het idee is vrij eenvoudig: de aanwezigheid van beestjes wordt veroor­zaakt doordat het moederdier eieren in of op de groenten legt. Zorg ervoor dat deze dieren de kans niet krijgen om hun eieren te leggen en je hebt insect-vrije groenten.

    Door de groenten in volledig dichte kassen te kweken hoopt men deze vrij te houden van ongedierte. Daarnaast worden in de kassen nog allerlei maatregelen genomen om per toeval binnengedrongen insecten uit te schakelen. De speciale grondsoort die men in de kassen gebruikt, zorgt er bovendien voor dat insecten die anders via de bodem naar binnen komen, nu geen kans krijgen.

    Heiligheid en onreinheid

    Volgens de Thora heeft het verbod op insecten alles te maken met heiligheid. Aan het einde van de verhandeling over verboden ongedierte in Leviticus (11:44), volgt enkele keren de vermaning om heilig te zijn: “Wees heilig, want ook Ik ben heilig”. Een vers later wordt dit opnieuw herhaald: “Want Ik ben G’d, die jullie uit Egypte heb gevoerd om jullie tot G’d te zijn; wees heilig, want ook Ik ben heilig”.

    Volgens verschillende geleerden was alleen al het in acht nemen van deze voorschriften omtrent insecten, voldoende reden om het Joodse volk uit Egypte te verlossen. De Thora gebruikt bovendien in plaats van het woord ‘uitvoeren’, een werkwoord dat ook ‘naar boven brengen’ of ‘verheffen’ kan betekenen. Door insecten te mijden verheft de mens zich boven de aardse dimensie van het bestaan. Alleen hiervoor was de hele Exodus al de moeite waard.

    Daarnaast worden ook de negatieve kanten benadrukt: het eten van ongedierte verontreinigt de ziel en zorgt voor een soort spirituele onreinheid. De Talmoed wijst hier op een soort neerwaartse spiraal die in gang wordt gezet. Wanneer iemand zich verontreinigt door het overtreden van het insectenverbod, zal hij uiteindelijk ook op vele andere gebieden zondigen. Het overtreden van dit verbod heeft de werking van een soort katalysator die een negatief proces in gang zet.

    Geen lekenwerk

    De gecompliceerde spijswetten zorgen ervoor dat de voedselproductie in principe niet aan leken overgelaten kan worden. Het heeft de voorkeur dat het voedsel vanaf het begin van het productieproces tot en met de bereiding door mensen wordt geproduceerd die de spijswetten kennen en hiermee rekening houden.

    Voor een aantal basisproducten zoals kaas, vlees en brood geldt sowieso dat deze alleen ritueel bereid mogen worden. Dit betekent dat er toezicht is op de wijze van produceren en op de ingrediënten. Er bestaan echter een aantal oplossingen waardoor de voedselbereiding toch, tot op bepaalde hoogte, uit handen gegeven kan worden aan mensen die niet thuis zijn in de spijswetten.

    Het koosjercertificaat

    Een koosjercertificaat (Hebreeuws: hechsjer) geeft aan dat een bepaald product koosjer – geoor­loofd – is. Sommige producten zoals kaas, vlees, wijn en brood mogen alleen ritueel door Joden worden bereid. Door het product van een certificaat, stempel of zegel te voorzien, weet de consument dat een bepaald product in orde is.

    De Joodse wet schrijft voor dat sommige producten wanneer zij aan het oog ontrokken worden – bijvoorbeeld door transport – ter identificatie van een stempel of ander herkenningsteken worden voorzien. Dit dient om ongelukken of fraude te voorkomen. Het gaat hierbij om producten waarbij met het blote oog niet kan worden gezien dat ze koosjer zijn.

    Daarnaast was het gebruik om alle etenswaren die op Pesach (Joods Pasen) worden gegeten van een zegel te voorzien. Op deze feestdag gelden namelijk zeer strenge bepalingen met betrekking tot de consumptie van meelprodukten of toevoegingen hiervan aan andere producten.

    » Lees ook deel 1 en deel 2. Deel 4 verschijnt morgen.

    Over de auteur