fbpx
  • Israëlnieuws via Whatsapp

  • Opinie

    Nu nog zijn we slaven, het komende jaar zijn we vrij

    Binyomin Jacobs, opperrabbijn - 15 april 2020

    Op de Seideravond leunen we aan tafel als teken van vrijheid. We drinken vier bekers wijn als teken van vrijheid. De matze herinnert ons aan de Uittocht uit Egypte als teken van vrijheid. En we vertellen de vele wonderen als teken van vrijheid. Maar ondanks de vele tekenen van vrijheid beginnen we de Hagada met de woorden: ‘Dit is het brood der ellende en slaven waren wij bij de Farao in Egypte’, om vervolgens te lezen over de misère door de eeuwen heen. Wat staat er centraal tijdens Pesach: vrijheid of slavernij? En als het én-én is, is dat dan een echte vrijheid?

    De bevrijding uit Egypte

    De Joodse gemeenschap in Egypte was zwaar geassimileerd, bijna volledig opgegaan in een cultuur die haaks stond op het Joodse denken. En toch kwam er een bevrijding. Weliswaar opgelegd, maar toch. De wonderen waren zo overweldigend dat onze voorouders als het ware uit Egypte werden weggesleept. Maar dan rijst de vraag: kon die bevrijding tot een echte vrijheid leiden? Of was het slechts een oppervlakkig gebeuren? Een soort tijdelijke extase?

    De wonderen waren zo overweldigend dat onze voorouders als het ware uit Egypte werden weggesleept.

    Het antwoord op deze vraag staat aan het begin van de Hagada: ‘Dit is het brood der ellende dat onze voorouders in Egypte hebben gegeten. Nu nog zijn we hier, het komende jaar in het land Israël. Nu zijn we nog slaven, het komende jaar zijn we vrij’. Met andere woorden: de echte vrijheid is er nog niet.

    Assimilatie

    De wereld zit nog vol ellende, oorlog en momenteel de mondiale bedreiging van een ongrijpbaar virus. Ik denk terug aan mijn toespraak ter gelegenheid van de herdenking van 75 jaar bevrijding Auschwitz. Ik eindigde met: ‘Als ik om me heen kijk vraag ik me af of Auschwitz wel of niet is bevrijd.’ Maar ook in ons persoonlijke leven is er vaak nog te veel verdriet en narigheid. En laten we onze ogen ook niet sluiten voor de assimilatie.

    Veel te weinig kinderen vragen het ma nisjtana: ‘Wat is het verschil tussen deze avond en alle andere avonden?’

    In de tijd van mijn gewaardeerde voorganger Opperrabbijn Berlinger kwamen de opschriften voor grafzerken kant-en-klaar op ons Opperrabbinaat en werd er nagenoeg automatisch goedkeuring gegeven aan de lokaal samengestelde tekst. Vandaag is de lokale kennis dusdanig afgenomen dat wij als Opperrabbinaat de hele tekst vervaardigen en vaak ook de Joodse namen moeten achterhalen. Het aantal Seideravonden dat nog thuis in de huiselijke sfeer wordt gevierd neemt af, de prachtige Nederlands Joodse Seider-melodieën zijn bijna niet meer te horen en veel te weinig kinderen vragen het ma nisjtana: ‘Wat is het verschil tussen deze avond en alle andere avonden?’

    Onze voorouders werden kantje boord bevrijd. Ze waren bijna helemaal geassimileerd, bijna volledig opgeslorpt door de Egyptische cultuur en het Egyptisch denken, maar toch ontkwamen ze en konden ze vijftig dagen later, vanuit een volledige éénheid en zonder de aanwezigheid van ziekten, bij de berg Sinai aankomen om daar het Jodendom in zijn volle breedte en pracht tot zich te nemen en door te geven generatie na generatie, ook aan ons.

    Twee partijen

    In Brisk, een stad met een intensief Joods leven, was binnen de Joodse gemeenschap een laaiende ruzie ontstaan. Er ontstonden twee partijen. De rabbijn benaderde een aantal vooraanstaande gemeenteleden met het verzoek om hun invloed aan te wenden om de partijen tot elkaar te brengen. Ze weigerden omdat ze neutraal wilden blijven.

    Omdat de honden niet wisten of ze moesten huilen of lachen, besloten ze te zwijgen.

    De rabbijn heeft met wrange gevoelens aan hen kenbaar gemaakt dat ook de honden in Egypte een soortgelijke opstelling hadden. Er staat in de Talmoed dat wanneer honden huilen het een teken is dat de doodsengel in de stad is. Wanneer honden lachen komt de profeet Eli-jahoe de verlossing aankondigen. Net voordat de Joden uit Egypte verlost zouden worden was de doodsengel aanwezig vanwege de sterfte der eerstgeborenen. Maar ook de profeet Eli-jahoe was er om het Joodse volk te bevrijden. Omdat de honden niet wisten of ze moesten huilen of lachen, besloten ze te zwijgen, zoals de Thora aangeeft: bij de Uittocht uit Egypte blafte geen hond. Ook de honden hadden besloten om vooral neutraal te blijven.

    Slavernij of vrijheid?

    Hoe ver we ook verwijderd zijn van het Jodendom, het is nooit te laat. Slavernij en vrijheid liggen heel dicht bij elkaar. En dat geeft de Hagada aan: ‘Nu nog zijn we hier, het komende jaar in het land Israël. Nu zijn we nog slaven, het komende jaar zijn we vrij’.

    Maar wat heeft dat met die zwijgende honden te maken, hoor ik u vragen. We hebben allemaal de plicht om ons waar mogelijk in te zetten voor het welzijn van onze gemeenschap. Wij mogen niet lijdelijk toezien hoe het Nederlandse Jodendom afbrokkelt. Wij zijn verplicht ons Joodse steentje bij te dragen. Of het nu een vete tussen personen betreft, een ruzie binnen een gemeenschap, hulp aan een verdwaalde Jood ergens in een afgelegen plaats of een innerlijke strijd waarmee iemand te kampen heeft: de matze is het brood der ellende, maar tegelijkertijd is diezelfde matze een teken van vrijheid.

    ‘Nu nog zijn we hier, het komende jaar in het land Israël. Nu zijn we nog slaven, het komende jaar zijn we vrij.’

    Nu zijn we nog slaven, het komende jaar zijn we vrij. Pesach toont ons dat we kunnen en moeten kiezen, tussen slavernij en vrijheid. We mogen ons niet neutraal opstellen, ook niet als dat makkelijker lijkt! Gelukkig zijn velen hiervan doordrongen en zetten zich in met hart en ziel. Maar er zijn er ook die we als Joodse gemeenschap echt nodig hebben, maar nu nog te neutraal zijn!

    Eet de matzes, ook als de gezamenlijke Seidervieringen dit jaar ontbreken, en zing luidkeels het Lesjana haba’a bieroesjalajim – het komende jaar in Jeroesjalajim!

    Thema

    Over de auteur