fbpx
  • Opperrabbijn Jacobs ziet toe op het ruimen van de stoffelijke resten van de oude Joodse begraafplaats in Winschoten. De resten zullen worden herbegraven op de nieuwe Joodse begraafplaats.
  • Israëlnieuws via Whatsapp

  • Nieuws

    Winschoten eert Joods verleden

    Ruben Ridderhof - 7 november 2016

    Bij graafwerkzaamheden in Winschoten kwamen grondwerkers vorige week onverwachts stoffelijke resten tegen. De werkzaamheden werden onmiddellijk stilgelegd en een archeoloog werd ingeschakeld. Al gauw bleek dat het om Joodse graven moest gaan.

    De Joodse gemeenschap in Winschoten was de procentueel de grootste van Nederland, na Amsterdam. Ruim 500 Joden woonden voor de Tweede Wereldoorlog in de Groningse plaats. Na de oorlog bleken slechts 20 Joden uit Winschoten de Holocaust te hebben overleefd en het Joodse leven in de stad stierf uit.

    “De gemeente Winschoten, waar Joden van oudsher welkom waren, heeft zijn geschiedenis eer aangedaan door met zoveel respect voor de Joodse gemeenschap met deze stoffelijke resten om te gaan.”

    Tot 1828 werden Joden uit Winschoten na hun overlijden begraven op de begraafplaats die binnen de stadsgrenzen lag. Vanwege hygiëneoverwegingen werd in dat jaar een nieuwe begraafplaats geopend buiten de stad. De oude begraafplaats werd in 1968 geruimd voor de bouw van een parkeergarage. Men ging er dus vanuit dat er geen stoffelijke resten van de oude begraafplaats meer aanwezig konden zijn.

    De gemeente Winschoten is momenteel bezig met een verbetering van de oude binnenstad. Hierbij werden de stoffelijke resten van elf mensen aangetroffen. Ooit moet er een vergissing zijn gemaakt bij het intekenen van het kadaster, waardoor een deel van de oude Joodse begraafplaats nooit is geruimd.

    Opperrabbijn Jacobs werd daarom na de vondst door de gemeente Winschoten benaderd over deze kwestie. Hij reisde met Leo Smole, archeoloog voor het Interprovinciaal Opperrabbinaat en het Nederlands Israëlitisch Kerkgenootschap naar Winschoten af om overleg te plegen over hoe hier verder mee om te gaan en om de gevonden stoffelijke resten te herbegraven.

    Opperrabbijn Jacobs: “In de plannen voor de vernieuwing van de oude binnenstad worden de contouren van de oude Joodse begraafplaats afgezet en komt een monument. De gevonden stoffelijke resten worden een stukje verplaatst om de werkzaamheden ruimte te geven en herbegraven. Mogelijke verdere stoffelijke resten van de oude Joodse begraafplaats blijven onaangeroerd liggen.”

    “Ik vind het heel positief hoe de gemeente hiermee is omgegaan. Het had veel makkelijker en goedkoper geweest als de gemeente had gezegd: ‘Graaf maar verder’. Iedereen meende tenslotte dat de Joodse begraafplaats al was geruimd. De gemeente Winschoten, waar Joden van oudsher welkom waren, heeft zijn geschiedenis eer aangedaan door met zoveel respect voor de Joodse gemeenschap met deze stoffelijke resten om te gaan.”

    Over de auteur