• Israëlnieuws via Whatsapp

  • Video

    Fietsend de wereld rond

    Joanne Nihom - 9 december 2016

    Afgelopen week was ik naar een lezing van Roe (Jinji) Sadan (1982), hij woont in kibboets Rosj Hanikra. Een roodharige (daarom wordt hij Jinji genoemd, wat roodharig betekent) avonturier, een boeiend mens en een goed verteller. Jinji is er het levend voorbeeld van dat je iedere droom kunt laten uitkomen.

    In 2006 begon de reis van zijn leven. In vijf jaar tijd fietste hij de wereld rond. Alleen. Hij met zijn fiets. 66.000 kilometer, 42 landen en 6 continenten. Woestijnen, bergen, kou, hitte, eenzaamheid, bijzondere ontmoetingen en vooral veel afzien. In die twee jaren werd hij beroofd, was betrokken bij twee auto-ongelukken, werd ziek … maar hij overleefde het allemaal.

    ‘Vijf jaar lang was hij een fietsende ambassadeur voor Israël.’

    “Iedere dag was een gevecht met mezelf. Over overwinnen en doorzetten. Soms zag en sprak ik dagenlang geen mens. Bijvoorbeeld tijdens de tochten door de woestijn.” Onderweg maakte hij films en foto’s van zijn tochten en ontmoetingen. Die zijn inmiddels wereldwijd bekeken door honderdduizenden mensen. Vijf jaar lang was hij een fietsende ambassadeur voor Israël. Hij sprak op scholen, ambassades en in Joodse gemeenschappen over de hele wereld. En vertelde over dat kleine landje in het Midden Oosten, maar ook over dromen die je uit kan laten komen. “Als je er maar in gelooft”.

    Een jaar geleden begon hij aan een nieuwe uitdaging. Samen met een aantal vrienden beklom hij de Himalaya, in het noorden van India. Ze bereikten de top, maar tijdens de terugkeer ging het mis. “Ik struikelde en viel 500 meter naar beneden. Ik raakte levensgevaarlijk gewond en verloor mijn bewustzijn. Een groep klimmers die achter ons liep, vond me. Ze hadden een zuurstoffles bij zich en zij belden de hulptroepen. Ik werd geëvacueerd door een helikopter van het Indiase leger en naar een ziekenhuis gebracht. De evacuatie duurde zes uur. De route en de hoge ligging maakten het moeilijk om te landen.”

    Vanuit India werd hij overgevlogen naar Tel Aviv. Daar lag hij een maand in coma. De doktoren waren niet erg optimistisch. “Maar ik ben een vechter, ik geef nooit op.” Hij zorgde voor een wonder. Zes maanden na het ongeluk stond hij op uit zijn rolstoel, en fietste zelfstandig het ziekenhuis uit.

    Toch heeft hij nog een lange weg te gaan. Het ongeluk heeft een grote impact op zijn lichaam. Hij is snel moe en heeft problemen met zijn kortetermijngeheugen, maar hij is er van overtuigd dat het goed komt. “Ik heb woestijnen overleefd, dorst en honger geleden, ook dit komt goed. Deze strijd is misschien wel de grootste uitdaging van mijn leven. Mensen denken dat het ongeluk me veranderd heeft. Nee dus, ik ben nog steeds wie ik was, de roodharige avonturier. Mijn motto: “Kijk angst recht in de ogen, geloof in jezelf en geef nooit op.”

    Over de auteur

    Plaats een reactie