fbpx
  • Jethro met zijn schoonzoon Mozes. De druzentraditie zegt dat zij afstammelingen van Jethro zijn. - James Tissot, 1900/Wikimedia Commons
  • Israëlnieuws via Whatsapp

  • Nieuws

    Druzen – nazaten van Jethro

    17 augustus 2018

    “Toen Jethro, de priester van Midian, de schoonvader van Mozes, alles hoorde wat God voor Mozes en Zijn volk Israël gedaan had, namelijk dat de HEERE Israël uit Egypte geleid had,…” (Exodus 18:1)

    Bij een dodelijke aanslag op de Tempelberg werden vorig jaar twee politiemannen, Israëlische druzen, vermoord door moslims. Tegelijk werd de in de Bijbel geprofeteerde verbintenis met Israël versterkt, een verbintenis die teruggaat tot de druzenpatriarch Jethro. Verhaast de vervulling van hun rol als wapenbroeders van de Joden de eindtijdoorlog tegen Amalek?!

    Sergeant Shnaan (links) en sergeant Sitawe (rechts). | Foto: Israel Police

    Terwijl ze de Joodse staat verdedigden, werden vrijdag 13 juli 2017 twee druzen mannen die dienst deden bij de Israëlische politie – de 30 jarige Haiel Sitawe en de 22 jarige Kamil Shnaan – op de Tempelberg vermoord door Palestijnse terroristen.

    De druzen vormen een etnisch-religieuze groep waarvan de geboortegrond in het Midden-Oosten ligt. Vandaag bestaat er een bevolking van bijna een miljoen druzen in Syrië, Libanon en Israël. Israëls druzenbevolking staat bekend om zijn loyaliteit aan de Joodse staat; niet zoals Israëlische en christen Arabieren, vervullen zij hun militaire dienstplicht in de IDF. Hoewel het geloof van de druzen oorspronkelijk zich ontwikkelde uit Ismaëlitische islam, worden druzen niet als moslims beschouwd.

    Afstammelingen van Jethro

    De verbintenis tussen druzen en het Joodse volk gaat terug tot Mozes en de berg Sinaï met Jethro, de schoonvader van Mozes. De druzen hebben een sterke traditie die zegt dat zij afstammelingen zijn van deze Jethro.

    Rashi, acroniem voor rabbi Shlomo Yitzchaki, een Franse middeleeuwse Bijbelverklaarder, leerde inderdaad dat de druzen een erfdeel hebben in het land van Israël. Dit baseerde hij op een vers uit Numeri dat het afscheid tussen Mozes en zijn schoonvader beschrijft.
    “Mozes zei: Verlaat ons toch niet, want omdat jij weet hoe wij ons kamp in de woestijn moeten opslaan, kun je ons tot ogen zijn. En het zal gebeuren, als je met ons meegaat, en dat goede waarmee de HEERE ons zal weldoen, gekomen zal zijn, dat wij ook jou weldoen zullen.” (Numeri 10:31, 32)

    Rashi legde uit dat het ‘goede’ een deel was van het meest vruchtbare land in de buurt van Jericho. Deze Bijbelse verbintenis tussen de zonen van Jakob en de zonen van Jethro – ook bekend als de stam van de Kenieten – wordt in Joodse bronnen beschreven als de basis voor een toekomstige eindtijd verbintenis.

    Yeranan Yaakov, die opvallende blogs schrijft over de geula (verlossing), verklaart dat de zonen van Jethro naar voren komen in het Messiaanse proces via de ‘profetie’ van Bileam in Numeri: “Toen Bileam Amalek zag, hief hij zijn spreuk aan, en zei: Amalek is de voornaamste van de heidenvolken, maar zijn einde is dat hij ten onder gaat. Toen hij de Kenieten zag, hief hij zijn spreuk aan, en zei: Uw woongebied staat vast, uw nest is in de rots vastgezet.” (Numeri 24:20, 21)

    In het boek Richteren (Rechters) wordt Jethro aangeduid als een Keniet. Deze stam leefde vlakbij de Amalekieten. “En de nakomelingen van de Keniet, de schoonvader van Mozes, trokken met de Judeeërs op vanuit de Palmstad naar de woestijn van Juda die in het Zuiderland van Harad ligt. Zij gingen erheen en woonden onder het volk.”

    In een krachtig precedent van de moderne broederschap tussen Druzen en Joden, voegden de Kenieten in het boek Richteren zich bij de stam van Juda met de bedoeling de Kanaänitische inwoners van Israël te bestrijden.

    Messiaanse strijd

    De 13de-eeuwse Spaanse Bijbelverklaarder rabbi Moses ben Nachman, algemeen bekend als Ramban, leerde dat Bileams boodschap de zonen van Jethro adviseerde dat, als zij onder het Joodse volk zouden leven, zij ook in ballingschap zouden gaan, maar ook met de Joden zouden terugkeren. Als zij echter onder de Amalekieten zouden blijven wonen, zouden ze met de vijand omkomen.

    De Joden ontvingen het bevel van God de Amalekieten te bestrijden, overal en in elke tijd. De Amalekieten staan voor de ‘eeuwige vijand’ van Israël. Rabbi Moses ben Maimon, een Spaanse Thora geleerde uit de 12de eeuw, Rambam genoemd, onderwees dat de ‘profetieën’ van Bileam erop wijzen dat sommigen van de zonen van Jethro, of de druzen, samen met de Joden in deze Messiaanse strijd verwikkeld zouden raken.

    Rabbi Ari Enkin is rabbijn-directeur van United With Israel. Hij gelooft sterk in deze hechte geestelijke broederschap tussen Joden en druzen. Hij gelooft ook dat druzen nazaten zijn van Jethro. Rabbi Enkin vertelde aan Breaking Israel News: “Zij geloven in één God, de God van Abraham, en zij aanvaarden de Noachitische geboden. Ze hebben een plaats met ons in Israël, en een plaats in de toekomende wereld (olam haba).”

    Rabbi Enkin haalde een op de Thora gebaseerde uitspraak van rabbi Ovadia Yosef aan die aangeeft dat van Joden gevraagd wordt gebeden te zeggen voor druzen die sterven bij de verdediging van de staat Israël. Dit gebod werd op een zeldzame en navrante manier in praktijk gebracht toen een groep Joden in staat was op de Tempelberg te bidden nadat de islamitische Waqf-bewakers de Tempelberg geboycot hadden uit protest tegen veiligheidsmaatregelen. De Joodse bidders namen de gelegenheid waar het Kaddisjgebed voor de doden te zeggen precies op die plek van de Tempelberg waar een van de druzen politiemannen gedood was.

    Terwijl deze Bijbelse band tussen Joden en druzen zich verdiept, nemen de spanningen tussen moslims en druzen toe. Moslims wierpen in de 2de helft van juli bij twee verschillende aanvallen handgranaten naar gebedshuizen van druzen in de woonplaats van een van de vermoorde politiemannen.

    Thema

    druzen

    Over de auteur